Category Archives: 092 – Lang leve oranje

Het Pad van de Pelgrims – Lang leve oranje

Het elfje zit op het terras voor haar boshut. De onweerstaanbare indruk die Paulus heeft gemaakt, heeft haar stil gemaakt. De stortbuien die zich inmiddels uitstortten over het sprookjesbos, hebben het beekje vast en zeker niet sneller kunnen laten stromen dan de ontroering waarmee het elfje de ‘wijsheid’ van Paulus tot zich genomen heeft. Zoals het elfje met het diepe gevoel van herkenning het beekje in haar hartje heeft gesloten, zo sluit zij met het-Zelf-de gevoel ook Paulus in haar hart.

En wat zijn de sierlijke handgebaren van het elfje, waaronder de wijs(heids)vinger gebaren, tijdens een wijsheidsgesprek zonder de wijze vingerwijzingen van Paulus. Het een vult het ander aan, zoals de ene de andere aanvult om tot vol-ledig-heid te komen. Het elfje kijkt nu naar het oranje boek dat op haar tafeltje ligt. Meester Eckharts mystiek in de praktijk. Een Advaita pad. En ze luistert in gedachten nog even naar de gedachtewisseling die ze met Paulus had, toen ze zei:

Wat ik weet is dat menige ‘leer’ betrekking heeft op een persoonlijk ik, zo niet Advaita Vedanta. Advaita betekent geen-twee. Alles is één. De dualiteit, waarin het een bestaat bij de gratie van het ander, is wat we bedacht hebben. Licht en donker, warm en koud, zijn beide aspecten van één. Dus wat dat betreft zijn wij, naast de Cursus en de andere geschriften die de voorbije tijd de revue passeerden, nu in goed gezelschap van M.E. en C.B.Z. die ons stap voor stap de weg naar de onpersoonlijke ik laten zien en voelen.  

Ja, had Paulus geantwoord, de Advaita Vedanta is de mystieke tak van de Hindoe-leer, maar ook in andere religies zoals de Islam, het (Zen)Boeddhisme en het Christendom zijn stromingen aanwezig die het ‘ik’ als het ware ontmantelen. De  bewoordingen zijn verschillend, echter als men dieper in de ‘leer’ komt, wordt het zogenaamde ego (de ik-maker) als illusie aangemerkt. En de Grote Leegte, de Grote Stilte, Het Licht verwijst allemaal naar het vormloze Al. De CIW stelt dat er maar één ‘Zoon van God’ is, en die is nog steeds Thuis. Hij droomt alleen van ballingschap.

Mooi hè, dat wij onszelf als pelgrims wegvoeren uit de ballingschap, zoals Mozes in Gods naam of God in Mozes’ naam het volk uit ballingschap door de woestijn geleid heeft. Lang leve oranje.

De pelgrims zochten als het ware naar een pad waar zij zich beiden in konden vinden met hun respectievelijke achtergronden en nu ze in aanraking komen met zowel het christelijke als advaita-pad van M.E. krijgt het pad naast het blauw nu ook een oranje tintje. Want de lijn die het oranje boek volgt is ook een soort pelgrimage met allerlei elementen.

Aldus kan het Vrolijke Vissertje vaststellen dat op de elfde twee zoekende zielen zich verenigd hebben in een Vast Voornemen.

Zij begeven zich ‘op weg’ en slaan het mooi gebonden oranje boekje open. Direct worden links op de omslag van de kaft al indringende woorden zichtbaar. ‘Meester Eckhart reikt de religieuze zoeker een aanpak en zienswijze aan om tot wedergeboorte te komen, zoals dat in het Evangelie wordt beloofd.’ Hmm, dat is niet mis, het elfje en het beekje voelen daar wel wat voor. En de schrijver heeft die methode uitgewerkt zodat de mystieke weg direct betreden kan worden; een weg die leidt tot bevrijding. Het leidt naar de eenwording die zich uitsluitend voltrekt in non-dualiteit.

Het wordt voor die twee de grootste uitdaging in hun toch al veelbewogen leven. Die van de zelfrealisatie, de mystieke weg tot God.

In het ‘woord vooraf’ wordt het beekje al getroffen door kernachtige bewoordingen.

-Ervaren verdient hier de voorkeur boven theoretiseren.

-Het lezen van het boek is nog niet ‘het gaan van de weg’.

-De grootste uitdaging in een mensenleven – de weg naar innerlijke eenwording – gaat nogal wat vergen.

-De tijd nemen om rustig te lezen, te bespiegelen en te verwerken.

-Het verlangen zal  zich af en toe in onverzettelijkheid moeten vertalen.

Daar staat nogal wat, en er komt nog meer:

-U zult bereid moeten zijn om alle in uw leven verzamelde ideeën en concepten prijs te geven en dat is soms ingrijpender dan psychoanalyse.

-Het betekent een volstrekte kaalslag van uw persoonlijkheid.  

Ah, dat laatste komt Tetty wel heel bekend voor? Die ervaring heeft ze al een keer beleefd. Het Verlichte Leven dat ze daardoor drie dagen leefde en wat daarna enigszins wegebde, komt nu ongetwijfeld met de naderende vloed van de oceaan. Het pelgrimspad doet het getijde keren. Ze heeft het gevoel dat iedere stap in de afgelopen jaren haar voor de drempel van de Hemelpoort heeft gebracht, waar ze tijdens haar BDE ook stond. Ze hoeft slechts één stap te zetten en het ego dat na al die jaren nog in verdunde versie aanwezig is geweest, zal overspoeld worden door de Oceaan van Liefde die het in zich opneemt.

Je voeten hebben de velden bereikt die jou verwelkomen bij de Hemelpoort, de stille plaats van vrede waar jij met zekerheid de laatste stap van God afwacht. Hoe ver zijn we nu vooruitgegaan, weg van het aardse vandaan! Hoe dicht naderen we ons doel! Hoe kort is de reis die we nog moeten afleggen! (Wd1.194.1:3-6) 

Ook JJ heeft nu eenmaal het diepe ‘gevoel’ dat Tetty nog dieper kan gaan in haar ‘beleving’, je zou kunnen zeggen ‘terug kan keren naar haar verlichtingservaring’. En JJ voelt zich pendelen tussen Jan en Jerfaas, en heeft het gevoel dat dit meer in de richting van Jerfaas mogelijk is. Wie was de ‘ik’ die een leven als Jan tegemoet ging? Hij weet het niet. Jan kan niet verlicht worden, want alle angsten en zorgen en frustraties die JJ in dit leven gekend heeft, waren die van Jan en niet van Jerfaas. Hoe dan ook, de eventuele verdere groei van Tetty en JJ, daar bedoelde JJ ‘de weg samen gaan’ mee. Volledig ‘de nieuwe mens’ worden zoals de Bijbel zegt. En de ‘hinder’ van de persoonlijkheid voor ieder mens ziet JJ als de te nemen hobbel.

Het zou best eens kunnen dat Meister Eckhart daar voor de pelgrims, middels C.B.Zuijderhoudt en zijn oranje boekje, klaarheid in gaat brengen. Niets gebeurt zomaar per toeval.

JJ roept ook nog even de fantastische CIW les 156 van vandaag in herinnering, waarin geschreven staat: De nadering tot God is nabij. En: ‘Wie vergezelt mij?’  

En het antwoord is: Ik ga met God in volmaakte heiligheid. Ik verlicht de wereld, ik verlicht mijn denkgeest en alle denkgeesten die God als één met mij geschapen heeft. (Wd1.156.8:5-6) 

In dat besef wil JJ graag leven, want dat is de Liefde Zelf. Maar JJ voelt heel diep dat er één of meer jantjes zijn die dat toch op een bepaalde manier tegenhouden. De CIW spreekt van ‘ware waarneming’ wanneer alles wat in deze wereld waargenomen kan worden, toch als liefde gezien kan worden, wat er ook gebeurt. Dat wordt dan gezien als illusie. En de vrede die alle verstand te boven gaat wordt dan verworven.

Oei, van de aangekondigde kaalslag van de persoonlijkheid worden de jantjes nu echt nerveus. Maar jantje-spiri wordt enthousiast, die wil wel meelezen in het oranje boek, althans voorlopig. Het woord God mag gelukkig gebruikt blijven worden en de drie abstracties van de mystiek zullen gaandeweg duidelijk gemaakt worden. Te weten: Alomtegenwoordigheid, Zijn en Non-dualiteit, maar er dienen geen concepten van gemaakt worden.