Category Archives: 073 – Niet mijn wil…

Het Pad van de Pelgrims – Niet mijn wil…

Na de ‘holy night’ begint de dag niet minder heilig. JJ ziet dat TV al vroeg in de morgen diep verzonken is in het blauwe boek, een Heilig Boek, de Jezus files, zogezegd. Omhoogkijkend vangt ze zijn blik op en zegt:

Zoals bekend, JJ, komt alle zegen van Boven, en daarom kan ik niet anders zeggen dan: Goedemorgen Bovenstebeste. Doorgaans valt men met de deur in huis, laat ik met die deur nu de dag binnenvallen door je te vertellen wat er in mij is opgekomen naar aanleiding van wat ik in het blauwe boek las.

In CIW les 71 las ik over het verlossingsplan dat het ego heeft opgesteld en dat tegengesteld is aan dat van God. In het verlossingsplan van het ego zie je de bron van verlossing buiten jezelf. Alles en iedereen wat jouw geluk in de weg staat moet veranderen. Zo wordt de voor verlossing noodzakelijke verandering van denken van alles en iedereen verlangd behalve van jouzelf. Het verlossingsplan van het ego is een plan van angst. In Gods verlossingsplan, wat een plan van Liefde is, zoek je, door Zijn leiding te volgen, naar verlossing waar ze is. In jou. Kortom, het verlossingsplan van het ego is een aanval op Zijn plan, zoals in het begin van CIW les 72 staat. 

Toen ik daarna CIW les 72 verder las, moest ik bij één van de eerste zinnen: ‘God worden de eigenschappen toegedicht die feitelijk eigen zijn aan het ego’ denken aan wat er in mijn manuscript staat, maar wat niet in mijn boek ‘Verdwaald verlangen’ is gekomen: 

Wij zijn geschapen naar Gods beeld, als Zijn gelijkenis, maar wij hebben God geschapen naar ons beeld, vormgericht als wij zijn. Een Godsbewustzijn dat wij hebben gepersonifieerd. God is dit en God is dat, God is zus en God is zo. Hoeveel beelden van God waren mij van jongs af aan wel niet voorgehouden? Al die beelden vertroebelden God als de scheppende kracht die Liefde is. Door mijn bijnadoodervaring ben ik in één keer losgekomen van al die gecreëerde beelden en ontdekte ik dat ons idee over God meer over onszelf zegt, dan over Hem. 

God zegt: ‘Ik Ben die ik Ben. Er is Eén en dat ben jij.’ Als je door de ogen van Liefde naar jezelf kijkt, zie je het evenbeeld van God. Wij zijn Liefde. Dat is onze essentie. God kun je niet verklaren. God kun je alleen maar ervaren. Zijn aanwezigheid is voor mij een innerlijke belevenis.  

We weten precies te vertellen hoe God in elkaar zit, maar weten we ook hoe wijzelf in elkaar zitten? We weten precies te vertellen wat God is, hoe God is, wat God doet, hoe God doet, wat God wil, hoe God het wil, en ga zo maar door. We willen God gelijk maken aan onszelf. Wij willen God in een menselijke maat dwingen. En we hebben niet door dat het allemaal projecties zijn. En omdat daar geen verlossing in te vinden is, keert men God de rug toe en gaat men op zoek naar zichzelf. Sterker nog, men gaat op zoek naar zichZelf. Het Zelf waarvan menigeen denkt dat het God is, maar waarbij het Zelf in veel gevallen het ego in vermomming blijkt te zijn.  

‘Niet mijn wil, maar Uw wil…’ Maar ondertussen is men bezig met de eigen wil van hoe men denkt dat het moet en hoe het is en hoe het zal zijn. En het spirituele totaalpakket wat aangeboden wordt, wordt gretig doorgespit om een stap verder te komen op het spirituele pad. En met veel overtuiging wordt soms geëtaleerd hoe ver men al gevorderd is, oftewel denkt te zijn, op de inwijdingsweg en hoeveel spirituele disciplines men beheerst. En de verlossing is nabij, alleen nog even dit of dat…de hemel gloort aan de horizon, die iedere keer net niet bereikt kan worden. 

Zolang men in de veronderstelling verkeert dat men zichzelf door eigen, oftewel ego, goede werken kan verlossen, zit men nog gevangen in het eigenmachtige ik. In ‘verder komen en verder zijn’ en het ‘steeds dichter bij mijn ware Zelf komen’ ligt vaak een gerichtheid op het feit alsof er een prestatie geleverd moet worden, die leidt tot een doorgaans krampachtig en onmachtig streven van het ego.  

Als ik dit boek bestudeerd heb…als ik deze workshop gedaan heb…als ik deze cursus gevolgd heb…als ik deze lezing bijgewoond heb…kortom, als ik alles gedaan heb wat er toe bij kan dragen om mijn ego te overwinnen, ja dan… Door zo bezig te blijven bevestigt men zichzelf voortdurend in het feit dat men het nog niet is. En zo probeert men op eigen kracht de volmaaktheid te bereiken. Alsof er iets te bereiken zou zijn. Alsof er nog enige belemmering op te ruimen zou zijn. Er is geen enkele belemmering in jou dan alleen die waarvan jij denkt dat die er is. En God wacht tot wij zover zijn om te zien dat de verlossing die wij willen bereiken er al is.  

Wat wil God? Niets. Het is alleen maar een idee dat God iets wil. God wil niets, helemaal niets. Als dit besef tot je doordringt kun je je toch werkelijk afvragen waar je in Godsnaam, zowel letterlijk als figuurlijk, mee bezig bent. Zoals gezegd: Je hoeft je alleen maar over te geven aan de verlossing in Christus die er al is. Je hoeft het niet alleen te doen. ‘Ik sta voor de deur en klop aan…’ Je hoeft het alleen maar in jezelf toe te laten. Open je hart en volg in openheid de Liefde die je bent. 

En dan wil ik tot slot nog even terugkomen op de vragen uit CIW les 71, waarin als het ware aan God gevraagd wordt om Zijn plan kenbaar te maken.

Wat wilt u dat ik doe?  

Je hoeft niets te doen, je hoeft alleen maar te Zijn. En zolang jij het idee hebt dat je nog iets moet doen, ben je nog niet.

Waarheen wilt u dat ik ga?

Je hoeft nergens heen, je bent er al. En zolang jij het idee hebt dat je nog ergens heen moet, ben je er nog niet.

Wat wilt u dat ik zeg, en tegen wie? 

Je hoeft niets te zeggen, laat de stilte spreken. Je stilzwijgende aanwezigheid is wel-sprekend. Een ander woord voor ‘wel’ is ‘bron’, dus wees Bron-sprekend. Als er al iets gedaan, gegaan en gezegd dient te worden, luister dan naar de stem van Liefde in je.  

Misschien zeg ik dingen, Jan Jerfaas, die al eens eerder gezegd zijn tijdens het pelgrimspad, maar dit is wat deze lessen vanmorgen in mij naar boven brengen om ons Boven te brengen, anders gezegd: om Boven in ons naar boven te brengen.

Tetty, jouw commentaar op les 71 en 72 spreekt mij bijzonder aan. Mijn antwoorden op die vragen zijn hetzelfde. 

We vragen ons af wat God van ons vraagt, maar luisteren naar wat wij denken dat er van ons gevraagd wordt. Maar God vraagt niets van ons. Henk Binnendijk heeft het ooit prachtig verwoord in een gesprek met Andries Knevel wat op televisie te zien was. 

Ah, die uitzending met ‘good old’ Henk Binnendijk herinner ik mij nog goed. Deze Binnendijk loopt inmiddels tegen de 80 jaar en zijn ogen stralen nog net zoals vroeger als hij over de Heer vertelt. Geen bla, bla, geen theologische beschouwingen, gewoon over ‘de Liefde van God’. Hij vertelde dat hij één keer de stem van God gehoord heeft toen hij geroepen werd om te gaan evangeliseren en bij zijn vader uit de onderneming te stappen. De jantjes werden er een beetje jaloers van, zo’n vaste koers in je leven te hebben. 

Ja, op het moment dat hij in zijn leven voor dat dilemma stond, vroeg hij: Wat wilt u God? Als U wilt dat ik dit offer breng, maakt U mij dat dan duidelijk, dan zal ik het doen. En toen sprak God: Ik vraag niks van je, ik bied je wat aan.  

Henk Binnendijk zegt verder: Wij hebben de indruk dat godsdienst een dienst is van de mens aan God, maar de ware godsdienst is een dienst van God aan de mens. God bewijst ons een dienst. God is niet zo gecharmeerd van alles wat wij denken voor hem te moeten doen. In die zin past natuurlijk die zin ook zo mooi: ‘Ik vraag niets van je, ik bied je wat aan.’ En natuurlijk vroeg Hij wat. En natuurlijk zat er een prijskaartje aan. Maar dat weegt niet op tegen dat wat Hij aanbiedt. 

Ik vond het ontroerend om te horen en het raakte mijn hart. God vraagt niets, God biedt iets aan. En de vraag die je jezelf kunt stellen is: ‘Neem ik het aan?’ En dan kun je wel van harte antwoorden: ‘Ik neem het aan’ of ‘Ik wil het graag aannemen’, maar stel jezelf ook de vraag: ‘Kan ik het ontvangen?’ Je kunt pas iets aannemen als je hoofd en handen leeg zijn. Wees bereid. Doe niets. Weet niets. Laat los, laat God. Vertrouwen, overgave, loslaten zijn de sleutelwoorden. Aannemen is niets anders dan accepteren wat is. Daarin ligt de verlossing.

Wat God wil? Nogmaals, God wil niets. Het is een idee van de mens dat God iets zou willen. En om dat idee heen heeft de mens een heel verhaal verweven van wat God zou willen van ons en hoe hij dat zou willen en wanneer hij dat zou willen, en ga zo maar door. En in plaats van met God te wandelen, lopen we Hem al doende voor de voeten.

Ik moet nu denken aan een boek dat Neale Donald Walsch heeft geschreven. Het draagt de titel: Wat God Wil. Aan het eind van het twaalfde hoofdstuk is het moment gekomen om in hoofdstuk dertien de grote waarheid te openbaren over Wat God Wil. En wat zie je als je de bladzijde omslaat? Een blanco pagina, en nog één, en nog één… Dat is het antwoord op de vraag: Wat God Wil. Niets. Absoluut helemaal niets. Geweldig! Het antwoord had niet beter in beeld gebracht kunnen worden. Er zijn geen woorden voor!

als er geen woorden voor zijn

en de woorden die er waren

stil gevallen zijn

verdwijnen de vragen

verstommen de antwoorden

 

als de stilte spreekt

tot de lege geest

klinkt in het verstilde hart

NIETS

Stil blijft het vrolijke vissertje aan de oever van de beek zitten om te luisteren naar het murmelende water. Het elfenschriftje ligt klaar voor wat er zoal aanspoelt. En de tijd die even stilgestaan heeft, brengt het beekje in beroering. 

Stel je voor…een lentedag…zwijgend wandelen in het bos, waarbij de stilte vrijwel tastbaar wordt. En in die stilte klinkt slechts af en toe een woord of een korte zin, die weloverwogen wordt geuit. Haast verontschuldigend omdat de stilte wordt onderbroken, maar ook die stilte beklemtonend omdat die woorden als het ware uit de stilte verrijzen en daar ook weer in terugkeren. 

De temperaturen stijgen, dus binnenkort zal de natuur uit haar schijndood ontwaken. Laten we haar volgen in die explosie van Leven die er weer aankomt. Wanneer de bomen uitbotten, weet gij dat de tijd nabij is.

 

In het verdergaan der pelgrims, kijkt het elfje verlangend uit naar de lente van de nieuwe tijd. En tot die tijd heeft ze vast ook nog wel iets te zeggen tegen de beek die ze als een vriend beschouwd.

wordt vervolgd…tot NU…

 

Posted in 073 - Niet mijn wil... | Leave a comment