Category Archives: 027 – De nieuwe schoenen

Het Pad van de Pelgrims – De nieuwe schoenen

JJ, vannacht is de droom gekomen, die de verandering weerspiegeld die het Pad mij brengt en waartoe het Pad dient. En ik heb in mijn stoutste dromen nooit kunnen bedenken dat het roze gympen zouden zijn waarmee mijn voeten dit Pad betreden.  

Nou, ik ben benieuwd wat voor schoenenzaak je in droomland hebt bezocht. Laat maar horen…

Ik heb inderdaad wel eens ‘s nachts een schoenenwinkel bezocht. Maar in dit geval was het niet nodig om een schoenenzaak te bezoeken. God had mijn voeten al bekleed met nieuwe schoenen, maar ik was mij dat nog niet voldoende bewust.  

Ze zullen ‘Boven’ wel gedacht hebben: Hoe lang denkt Tetty nog nodig te hebben om zich dat ten volle bewust te worden? Tetty met haar eeuwige twijfel. Laten we maar eens iets in scène zetten, kijken of de boodschap overkomt. 

Ja, en die komt over. Het ontroert mij altijd weer als ik zie met hoeveel liefde alles voorbereid en geleid wordt in je leven, en hoe je liefdevol met je neus op de feiten gedrukt wordt, zo van: Kijk nou, kijk nou eens…, zie je het nu, Tetty? Dus op roze gympen neem ik je nu mee, JJ, voor een kijk in dromenland.

‘De nieuwe schoenen’ 

Ik bevind mij in het centrum van mijn woonplaats Veenendaal. Op de fiets rijd ik door de winkelstraat. Terwijl ik fiets, voel en zie ik ineens, als ik naar beneden kijk, tot mijn grote verbazing dat ik nieuwe schoenen draag. Roze stoffen gympen. Hè?… ik was toch met mijn bruine, leren schoenen van huis gegaan…?  

Ik ben zeer verrast dat ik zulke totaal andere schoenen aanheb dan die ik in mijn leven tot nu toe  gekozen heb en wellicht zelf zou kiezen. Maar het voelt goed en het nieuwe en verrassende ervan maakt mij als een kind zo blij. 

Dan moet ik naar het toilet. Ik ga naar het openbare toilet dat zich aan de rechterkant van de winkelstraat bevindt, alwaar een vrouw de boel beheert. Ook haar vallen mijn roze gympen op. 

Daarna fiets ik terug naar hotel Warnsborn, net even buiten het centrum, waar ik momenteel mijn intrek heb genomen. Ik loop het loungegedeelte binnen, waar nog veel meer mensen zitten. Aan de zijkant staat een langgerekte tafel over de gehele breedte van de ruimte. Er ligt een kleed overheen van donkerrood/zwart gemêleerde stof. Op het uiteinde van de tafel staat mijn laptop.  

Dit is mijn plek en ik ga er zitten werken. Hier voel ik mij thuis. De andere mensen zijn alleen maar even te gast. Ik voel dat ze mij bevreemd aankijken vanwege het feit dat ik mij gedraag alsof ik daar thuishoor. 

Na een poosje fiets ik weer terug naar het centrum. Terwijl ik op het stoepgedeelte aan de linkerkant van de winkelstraat met mijn fiets aan de hand loop, word ik staande gehouden door twee vrouwen. Ze vragen mij: ‘Waar heeft u gewoond vóór Veenendaal?’ Op dat moment komen hun mannen en kinderen erbij staan. Een grote groep. Ze zijn als toerist hier. Op hun vraag antwoord ik: ‘In Roden’. Ze kijken mij aan en schudden hun hoofd. Ze hadden het gevoel mij te herkennen van vroeger, maar bij nader inzien hebben ze zich kennelijk vergist. Ze lopen verder. 

Ik fiets weer door en ineens merk ik tot mijn schrik dat ik nog maar één roze gymp aanheb. Aan mijn andere voet draag ik mijn oude bruine, leren schoen. Het verwart mij en ik voel mij er ongemakkelijk en opgelaten onder dat ik twee verschillende schoenen aanheb. Ik fiets gauw verder.  

Opnieuw moet ik naar het toilet. Gauw loop ik naar binnen, mij bewust van het dragen van twee verschillende schoenen. Maar als ik het toilet weer uitkom, zie ik ineens tot mijn grote opluchting dat ik mijn beide roze gympen weer aanheb.  

Als ik doorloop, zie ik in de toiletruimte in een hoek mijn oude bruine schoenen liggen. Ik zeg: ‘Hoe kan dat nu dat mijn schoenen hier liggen?’ De toiletjuffrouw zegt: ‘Ja, die heb ik al die tijd bewaard.’ 

Ik loop naar buiten. Dan zegt ze dat ik wel moet betalen voor de tijd dat zij mijn schoenen in bewaring heeft gehad. Ze noemt een bedrag van 50 euro. Ik zeg dat ik dat veel te veel vind en dat die prijs niet in verhouding is tot waar het voor staat. Ik zeg dat ik zelf wel even kijk wat ik ga geven.  

Ik pak mijn portemonnee en pak er drie muntstukken uit. Twee muntstukken van 2 euro en één muntstuk van 1 euro. De muntstukken zijn ongebruikt en de zilverkleur glimt van nieuwheid. De 2 euromunten hebben de grootte van een rijksdaalder, de 1 euromunt is iets kleiner. De munten zijn aan de onderkant vlak en hebben een bolle bovenkant. Daarop staat een gekleurde afbeelding van de Paus. Ik leg de 3 muntstukken op tafel en ga verder, zonder mijn oude bruine leren schoenen.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 027 - De nieuwe schoenen | Leave a comment