Category Archives: 105 – Zoekt en gij zult vinden

Het Pad van de Pelgrims – Zoekt en gij zult vinden

Al vroeg in de ochtend klinkt het tetteretet…tetteretet…door het sprookjesbos, als Paulus de beelden die in zijn hoofd tevoorschijn komen van woorden voorziet en loslaat waar het elfje bij zit.

Het elfje zit te mediteren in haar boshutje. Haar sprookjesachtige groene oogjes zijn gesloten en haar gehoor is voor de buitenwereld afgesloten. In haar hoofdje ‘hoort’ ze alleen de zoemtoon zoals bij diepe meditatie voorkomt. Toch voelt ze dat er iemand binnenkomt. Even later hoort ze een zacht kuchje, alsof er om aandacht wordt gevraagd. Het elfje opent ietsje haar oogjes en kijkt tussen haar wimpertjes het hutje rond. En daar…staat een jantje…nieuwsgierig kijkt hij haar aan. 

‘Zo’, zegt het elfje, ‘welk jantje ben jij? En wat kom je doen?’

‘Nou’, zegt het jantje, ‘ik hoop dat u niet de dromenmepper pakt, want ik ben gestuurd door Jerfaas. Ik moet vragen of alles goed met u is en hoe ver u bent met hoofdstuk 1 van het oranje boekje.’ 

‘Weet je zeker dat je door Jerfaas gestuurd bent?’, zegt het elfje. ‘Is het niet één van je broertjes? Jantje-angst bijvoorbeeld? Jullie zullen het er al wel over gehad hebben dat wanneer het boekje helemaal gelezen is door Jerfaas en Tetty, dat het dan afgelopen is met de jantjes. Dus ga maar lekker buiten spelen met de tetjes, haal de andere jantjes er ook maar bij. Want jullie zijn met z’n allen eigenlijk ook een sprookje en bestaan dus niet eens.’ 

Onder de dwingende blik van het elfje rent het jantje naar buiten, roept zijn broertjes en alle tetjes en met z’n allen gaan ze naar het speeltuintje. Op de wipkip en de schommel. Oh wat hebben ze een lol. Maar…plotseling klinkt een dreunend geluid in het sprookjesbos, er nadert iets heel groots. Een schetterend geluid weerklinkt. Het is een olifant, en die blaast het hele verhaaltje uit! Tetteretet… 

Hahaha, geweldig, het elfachtige sprookjeshart staat wijd open, maar…hoezo, mediteren in het hutje…zegt het elfje, terwijl ze Paulus diep in de green eyes kijkt. Dat is jouw idee. We hebben al eerder gesproken over meditatie. (74-Doe niets) Realiseer je dat het in feite niet nodig is om te mediteren. Bij meditatie is er altijd nog iets waar de meditatie zich op richt. Ik lees hier in het blauwe boek: Evenmin is een leven van bespiegeling en lange periodes van meditatie gericht op de onthechting van het lichaam noodzakelijk.(T.18.VII.4:9) 

Op de weg die we gaan kun je ook de meditatie als weg, laten vallen. De cursus zegt: Jouw weg zal anders zijn, niet wat het doel maar wat de middelen betreft. Een heilige relatie is een middel om tijd te besparen. Eén ogenblik samen met je broeder doorgebracht geeft jullie beiden het universum terug. Je bent voorbereid. Nu hoef jij je slechts te herinneren dat je niets hoeft te doen. Je zou er veel meer baat bij hebben je nu alleen hierop te concentreren dan erover te peinzen wat je moet doen.(T.18.VII.5:1-6) 

En ik lees: Met iets doen is het lichaam gemoeid. En als je inziet dat je niets hoeft te doen, heb je uit je denkgeest de waarde van het lichaam weggenomen. Hier is de snelle, openstaande deur waardoor jij voorbijglipt aan eeuwen van inspanning, en aan de tijd ontsnapt.(T.18.VII.7:1-3)

En dan staat er nogmaals: Er is jou tijd bespaard doordat jij en je broeder tezamen zijn.(T.18.VII.6:3) Maar als je eventueel toch nog wilt mediteren…geen woorden, geen beelden, niet bezig zijn om te komen tot iets, niet iets willen bereiken; je bent het al. De enige meditatie is: IK BEN. Daar ga je vanuit, Paulus.

TETTERETèèèèèèèèèT…dan is het nu tijd voor het elfje om haar grijze ros van stal halen. Een beetje beweging is wel nodig. Want ook al zit ze na de zogenaamde struikeling weer recht in het zadel, haar beentjes voelend danst ze nog niet op de pedalen.

Het is maar goed dat de jantjes de tetjes zijn op komen halen om naar het speeltuintje te gaan, voor het geval er een tetje zou zijn die een plannetje had gesmeed om haar aanwezigheid te laten gelden. Nu is het 11-je er in ieder geval van verzekerd dat ze in haar ééntje(s) op haar grijze ros kan vertrekken. En kennelijk vermaken de tetjes zich prima, want tot nu toe heeft ze er geen één gehoord.

TV11 gaat vanmiddag op bedevaart. Daarvoor hoeft ze niet helemaal naar Lourdes, dat kan hier om de hoek van het sprookjesbos. In een dorpje vlakbij het beekdal staat de bedevaartkerk. Terwijl haar grijze ros zich in rustig tempo voorwaarts spoedt, evenwijdig aan het beekje, mijmert ze hardop over wat ze vlak voor vertrek nog in hoofdstuk 1 van het oranje boek gelezen heeft. En bij het beekje luistert JJ66 aandachtig mee.

Alles wat er geschreven staat over mystiek klinkt en voelt zuiver. Mystiek is geen geloof, geen theorie en bezit ook geen dogma’s. Het is een uitvoeringsmethode. Het is niet om te denken en dan te geloven, maar eerder om te doen en dan te zijn. Met een mooie uitspraak van Rumi: De minnaars van God hebben geen religie, maar alleen God.  

Ja, God kan als religie-overschrijdend worden beschouwd. De enige ‘religie’ is Gods liefde. Re betekent ‘her’ en ligare betekent ‘verbinden’. Dus opnieuw verbinden, met jezelf, met de ander, met het andere. We gaan als pelgrims de religieuze weg, de weer-eenwording. We zijn met God op weg, JJ, d.w.z. in diepe verbondenheid met de scheppende Bron in ons.

Ik word ook geraakt door het woord ‘tastend’ op een weg naar het opgaan in de oorsprong. Dat voelt voor mij nog zuiverder dan ‘zoekend’. Alhoewel mijn boek Verdwaald verlangen natuurlijk als ondertitel ‘een zoektocht’ heeft.  

Zoeken houdt veelal de afstand tussen de zoeker en het gezochte in stand. En misschien komt het ook wel dat ik dat zo voel, omdat het hele ‘spirituele circuit’ mijns inziens het zoeken van de mens aardig in stand houdt. Het woord spiritualiteit is in veel gevallen tot een business gedegenereerd wat met ware spiritualiteit nauwelijks iets van doen heeft. Veel mensen ruimen tijd in om zich met spirituele zaken bezig te houden en vinden van zichzelf dat ze heel spiritueel bezig zijn. Maar voor menigeen blijft het een aaneenschakeling van het een volgt op het ander. 

Stromen je chakra’s eindelijk door, moet je aura nog geheald worden en je stem bevrijdt. Heb je net je innerlijk kind gevonden, moet je de sjamaan in je nog ontmoeten en de godin in jezelf wakker kussen. En als Mercurius nu maar in Venus staat en Pluto niet retrograde loopt, want anders wordt het nog niks. Moet je toch nog een edelsteen in je broekzak stoppen, je insmeren met een etherische olie of oog in oog gaan zitten met de kristallen schedel die je met holle ogen aanstaart. 

Nou, zo kan ik nog wel even doorgaan met het opnoemen van weet ik hoeveel zaken die men onder de noemer ‘bewustzijnsgereedschappen’ heeft geschaard waarmee men, zoals het heet, ‘dichter bij zichzelf’ denkt te komen. Ooit liep ik voor het eerst op een spirituele beurs, die het ook op je beurs gemunt heeft. Er wordt als het ware heel wat aangepraat en aangesmeerd van wat men denkt nodig te hebben op de weg naar waar men naar op weg is. Ik wist niet wat ik meemaakte. En op het moment dat ik bij de kraam met kaneelzolen stond, keek ik om mij heen, en het geheel overziende  dacht ik: wat een handel, lap maar aan mijn zolen.  

Er is een complete industrie op gang gebracht, waardoor menigeen onderhand met een volle gereedschapskist rondloopt. Men blijft hameren en sleutelen zonder de spijker op de kop te slaan. M.a.w. het raakt niet de kern. In dit soort ‘spiritualiteit’ houden de inspanningen het zoeken en in ieder geval het systeem in stand. 

In het oerwoud van therapieën en methodes om zichzelf te realiseren is men het spoor bijster geraakt. ‘Zoekt en gij zult vinden’. Maar met het bovenstaande zoeken heeft dat niets te maken. Want een groot deel van al die ‘spirituele’ zaken en bezigheden houden veelal het ego, genaamd ‘zoek en vind niet’, in stand en die viert hoogtij, terwijl ware spiritualiteit juist het afleren daarvan is. En zoals al eerder genoemd, raken de teksten die tussen ons aan de orde gekomen zijn daar wel aan. En nu dit oranje boekje.  

Zo besluit TV11 uiteindelijk in de bedevaartkerk al deze mijmeringen. En daar zit ze, oog in oog met de beeltenis van Het Heilig Hart van Jezus. Het hart dat Liefde is. En Jezus zegt: ‘Je bent in mijn hart, zoals ik in jouw hart ben.’ In het innerlijk van ieder mens, in je hart waar het Leven klopt en de Liefde woont, is de Eeuwige Waarheid te vinden. 

‘Zoekt en gij zult vinden’. Het gaat erom dat je jezelf gaandeweg meer en meer laat vinden, door meer en meer van je ego af te leggen. En daarvoor hoef je ook niet aan de voeten van een meester te zitten. Het leven zelf is de meester die jou leert om iedere dag wat af te leren, waarbij je jezelf gaandeweg leert verliezen.

In de kerk wordt voor Jan Jerfaas en Tetty, die als zodanig het grote geheel vertegenwoordigen, een kaars aangestoken en de wens uitgesproken dat de Levende vlam van Liefde hun weg verlicht tijdens de mystieke reis. En dat ze het prachtige gebed uit CIW les 163 tot een levend gebed tijdens hun reis maken.

Onze Vader, zegen onze ogen vandaag. Wij zijn Uw boodschappers en we willen naar de schitterende weerspiegeling van Uw Liefde kijken die in alles straalt. Wij leven en bewegen in U alleen. Wij zijn niet gescheiden van Uw eeuwige leven. Er is geen dood, want dood is niet Uw Wil. En wij vertoeven waar U ons hebt ge­plaatst, in het leven dat wij delen met U en met al wat leeft, om voor eeuwig zoals U en deel van U te zijn. Wij aanvaarden Uw Gedachten als de onze, en onze wil is eeuwig één met die van U. Amen. 

Na het verlaten van Onze Lieve Vrouw ten Hemelopneming vraagt TV11 zich af of er in het dorpje misschien nieuws bij ‘de oude post’ zal zijn. En jawel, daar komt ze een prachtig gedicht voor de Oceandreamers tegen, waar ze deze pelgrimsdag mee afsluit. Genoeg getetterd.

met één hand breekt Hij de golven

hangt ze bruisend aan de wind

om te vervloeien tot een lied

dat melancholisch zingt

≈ 

over oneindigheid

ongrijpbaar hoog

diep in ’t gevoel nabij

≈ 

en met de andere hand streelt Hij

de branding van mijn wang

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 105 - Zoekt en gij zult vinden | Leave a comment