Monthly Archives: maart 2019

Het Pad van de Pelgrims – Leesstof op het zandpad


Warnsborn augustus 2013 006
Het is nog vroeg als de pelgrims de reis door het wereldse en niet wereldse voortzetten en het landschap hen welkom heet met een beginnende paarse groet. Volop in de zon genieten de pelgrims van de wandeling. Lange tijd is er alleen maar lopen, slechts lopen, en ze voelen zich enkel en alleen aanwezig. Maar het is niet alleen paars wat de klok slaat. Na verloop van tijd springen er regels uit het blauwe en oranje boek tevoorschijn en die zorgen voor veel leesstof op het zandpad.

Tetty, het gaat allemaal over de ‘niet echtheid’ van het gemanifesteerde, inclusief alles wat we daar waarnemen. Luister maar. Hier lees ik enkele passages uit het blauwe boek, voorafgaand aan les 241, waarin gesproken wordt over ‘Wat is de wereld’.

De wereld  is onjuiste waarneming. Ze is uit dwaling voortgekomen en heeft haar bron niet verlaten. Ze zal niet langer blijven bestaan dan de gedachte die haar heeft voortgebracht wordt gekoesterd. Wanneer de gedachte van afgescheidenheid gewijzigd is in een van ware vergeving, zal de wereld in een heel ander licht worden gezien, een dat tot de waarheid leidt, waarin heel de wereld met al haar dwalingen zal verdwijnen. Nu is haar bron verdwenen en zijn haar gevolgen dat eveneens. 

De wereld werd gemaakt als een aanval op God. Ze symboliseert angst. En wat is angst anders dan de afwezigheid van liefde? De wereld was aldus bedoeld als een plaats waar God niet binnen kon gaan en waar Zijn Zoon van Hem gescheiden kon zijn. Hier werd waarneming geboren, want kennis zou dergelijke waanzinnige gedachten niet kunnen voortbrengen. Maar ogen bedriegen en oren horen onjuist. Nu worden vergissingen alleszins mogelijk, omdat er geen zekerheid meer is. 

Waar het zien werd gemaakt om van de waarheid weg te leiden, kan het ook opnieuw worden gericht. Geluiden worden de roep om God, en aan alle waarneming kan een nieuw doel worden gegeven door Degene die God als Verlosser van de wereld heeft aangesteld. Volg Zijn licht en zie de wereld zoals Hij die beziet. Hoor alleen Zijn Stem in alles wat tot jou spreekt. En laat Hij jou de vrede en zekerheid schenken die jij hebt weggegooid, maar die de Hemel voor jou in Hem bewaard heeft. 

Laten we niet voldaan rusten voordat de wereld zich bij onze veranderde waarneming aangesloten heeft. Laten we niet tevreden zijn voordat vergeving totaal is gemaakt. En laten we niet proberen onze functie te wijzigen. Wij moeten de wereld verlossen. Want wij die haar gemaakt hebben, moeten haar door de ogen van Christus zien, opdat wat gemaakt was om te sterven tot eeuwig leven kan worden hersteld.

Maar iets in ons wil eigenlijk niet aannemen wat daar zo duidelijk staat. Het wil deze wereld echt maken, en dat lukt aardig. Je zoon of dochter heeft bijvoorbeeld een ziekte en dat is dan heel erg. Vele anderen zijn net zo ziek of nog erger, maar dat voelt al een stuk minder erg. Want die zijn niet mijn kind. Zo denkt het ego.

En als ik dan het oranje boek opensla, dan lees ik ook hier dat Meester Eckhart niet voor niets aanraadt om te gaan ‘doorbreken’, de wereld van het gemanifesteerde te verlaten, oftewel uit het bewustzijn te wissen. Want de persoon leeft in die dualiteit, die kan niet mee naar de non-dualiteit.

Ieder wezen verlangt naar zijn allereerste oorsprong omdat het op den duur de meest onvoorstelbare vrede oplevert. Dit verlost zijn van jezelf, deze eeuwigheid die daarvoor in de plaats komt, is van alles wat in dit leven verlangd kan worden, het meest begerenswaardig. Het naar binnen keren van de zintuigen, het doorbreken, kan de ziel  tot de eenheidservaring brengen. Verblijven in zijn is niet anders dan een zich afwenden van alle schepselen en een zich verenigen in de ongeschapenheid.

Zonder in de staat van non-dualiteit te zijn valt de Godsontmoeting niet te realiseren. Het zal duidelijk zijn dat de zuiverheid van Gods natuur nergens anders in kan liggen dan daar waar tijd en ruimte verdwenen zijn, in de non-dualiteit, in de Eenheid. Waar binnenin u nog geen enkele opsplitsing, geen enkel zijn of kwaliteit zich aandient, is de zuiverheid absoluut.

Om in dit pure zijn te geraken adviseert M.E. een moedwillig lege geest. Men moet dus de staat van non-dualiteit realiseren om dit innerlijk koninkrijk binnen te kunnen gaan. Dit betekent dat men de stilte in de geest moet leren bewerkstelligen, en wel bij voortduring. Een stille geest is een geest die zichzelf als object heeft opgeheven, zodat het denkproces wel plaats kan vinden, maar het denken dat alle binnenkomende prikkels kleurt en aanpast, wordt genegeerd. Daarmee wordt het niet relevante deel van het denken geëlimineerd. De gedachten worden niet meer geïnitieerd door hetgeen voorradig is als conditionering, doch alleen door wat zich op dat moment aandient.

Bij het vertoeven in die stille duisternis, bij het gaan naar binnen, komt er een moment dat een kracht de ziel naar steeds diepgaander lagen van haar eigen zijn trekt. Er is een binnendringen in het onbekende Ene, dat stukje bij beetje ten slotte tot een adembenemende afdaling in de leegte wordt. De ziel verliest dan haar houvast op een wijze die overeenkomst vertoont met dat wat plaatsvindt op het moment van de dood, wanneer de ziel het terugtrekken van haar lichamelijke zintuigen opmerkt. Dan voelt zij ook de terugtrekking van bewuste gedachten, van de wil, van die hele binnenwereld waarmee de ziel zich geleidelijk aan had geïdentificeerd. Zij voelt zich verdwijnen en oplossen in een ‘gene zijde’ die desondanks deel is van haar eigen zijn, maar waar nochtans haar besef van aparte existentie volstrekt verdwijnt. Er rest dan niets meer van ‘mij’ en dat heeft het effect van een enorme bevrijding en intense vrede.

Al deze woorden leiden ons op ons pad naar een groots panorama, dat een geweldig uitzicht biedt op de Waarheid. Daar zullen we voorgoed onze persoonlijkheid aan de wilgen hangen, en als zuivere zielen verder zweven naar het hemelse licht.

deel1- (214)

Zonder dat ze nog enkele woorden wisselen die via de leesstof van de oranje weg opdwarrelen, verschijnt opnieuw voor het pelgrimsoog de zandloper waarmee in het oranje boek het doorbreken in de godheid beeldend wordt voorgesteld. Wellicht kunnen ze zich op een volgende pelgrimsdagreis daar nog eens mooi op verder bezinnen, voordat het elfje het kleed van bewustzijn weer aandoet, door de taille van de zandloper glipt en opnieuw geboren wordt, zoals het beekje het voorspiegelde. In de weerspiegeling van het Stille water van de beek doet zij er voor dit moment het zwijgen toe.

En de Oceandreamers in hun ´Licht´bootje varen niet hun eigen koers, maar liggen op Zijn koers…

Deel2- (129)

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 153 - Leesstof op het zandpad | Leave a comment