Monthly Archives: november 2018

Het Pad van de Pelgrims – Het poëtische schilderij

Wederom wordt de Elf van Zelf vanZelfsprekend een sprookjesachtige en misschien wel poëtische nacht en dag toegewenst. Maak u geen gedachten, ze komen wel…misschien wel in de vorm van een gedicht…

En dat laat de Elf zich wel twee keer, maar geen drie keer zeggen, zoals de volgende dubbel elfde dag op de 22e zal blijken. En PP poëet mee.

als de dag in mij opstaat

en ik binnentreed in het ochtendgloren

klinkt mijn wezen in stilte

en beweeg ik mij op de toon

van een nieuwe belofte

DSC_2002

in de eerste zonnestralen

die waterdruppels doet glinsteren

worden lichaam en ziel gevoed

met dagelijks brood en

Hij die mijn dagelijks brood is

gehuld in een oranje omslag

≈ 

stemmen van de wereld ontwaken

en nemen bezit van de morgen

maar de stilte beweegt zich voort

langs velden en wegen

in schoonheid en vrede

ademt God de natuur

≈ 

zonlicht spreidt zich uit

als een warme deken

waaronder de aarde rust

en de wereld zucht

≈ 

op de groene heuvel

langs de bloemgetooide wei

zet ik mij neer in de schaduw

van de Schuilplaats des Allerhoogsten

waarboven de hemel blauw welft

met hier en daar een witte wolk

≈ 

golven van stilte

overspoelen de heiligheid

van het bestaan

slechts een wonderschone melodie

in parelende klanken

klinkt vanuit het struikgewas.

≈ 

in de zweem van een briesje

wordt een aloud lied gedragen

dat opstijgt met een windvlaag

en er ruist langs de wolken

een lieflijke Naam

die hemel en aarde verenigt tezaam

Warnsborn juli 2013 010

op deze dubbel elfde dag

zit ik in de koelte

onder een bladergroen dak

aan de oever van het meer

waar de witte lelie bloeit

verschijnen in het trage water

aan het vrolijke vissertje

vier vredige vissen

≈ 

de rust luiert voort

in vrede en harmonie

waarin de liefde straalt

als dank aan de eeuwigheid

≈ 

op deze bezielde dag

in Gods scheppingswerk

meegevoerd op golven van stilte

door de Stream Garden

vonkte alom bewustzijn

Oh wonderbaarlijke dichteres, magische meesteres der woordkunst, hoe hebt gij deze schier bovenaardse compositie van woorden toch geschapen. Hoewel gij u beweegt binnen datgene waarvan het laatste woord van uw laatste vers getuigt, maar tevens zijt gij het zelve, hoe kan ik u duiden?

En…vraagt de nederige schrijver dezes zich af…stel dat het sprookjesachtige gedicht nog een elfde vers zou krijgen, hoe zou het alom vonkende bewustzijn dat dan vorm geven?

want in de roep van God

en het antwoord van zijn Zoon

-ik weet niets, U weet alles-

lossen beelden op

die over bewustzijn liggen

omdat de roep en het antwoord

voor eeuwig één zijn

in de harteklop van Liefde

de grondslag van het bestaan

God

Nu heeft zij, zo ware het mogelijk, zichzelve overtroffen. Een magische cirkel werd uit vrije hand getrokken, want ditmaal is het laatste woord tevens het eerste, de alfa en de omega, het begin en het einde. Hij schiep het licht zodat de dag kan opstaan en ook de zon die het leven op de wereld brengt. Ook de Visser zou niet bestaan als Hij niet eerst de vis geschapen had. Stilte werd geschapen zodat roep en antwoord hoorbaar werden. Maar de snelle harteklop van lezer dezes is het teken dat de Elf met het Elfde vers de kroon van perfectie op haar meesterwerk heeft gezet. En zou er wel een persoonlijke God bestaan, dan zou Hij instemmend knikken bij het lezen van deze woorden. 

De lyrische bewoordingen van ‘hem’ waarmee ‘de dubbel elfde dag’ van ’haar’ omlijst wordt, maakt het poëtische schilderij tot een één-duidig  Meesterstuk. Waarmee de vraag ‘hoe kan ik u duiden? is beantwoord. En de harteklop klopt van harte.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 148 - Het poëtische schilderij | Leave a comment