Monthly Archives: oktober 2015

Het Pad van de Pelgrims – De Verdwenen Jantjes

Vooralsnog verdwijnt ‘De  verdwijning van het universum’ bij TV naar een plek op de boekenplank. De vraagbaak hoeft op dit moment op het pelgrimspad niets na te slaan en ook zonder ballon zit de vaart erin. Sterker nog, zij die van 9-9 is kan vandaag de feestballon oplaten voor JJ die 66 wordt.

ze geeft hem mee aan de wind

met windkracht elf

 ≈

lichtheid brengt hem

hoger en hoger

≈ 

een dansend stipje

kleiner en kleiner

in de blauwe lucht

viert de ruimte

 ≈

liefde is de ruimte

alles wat daarin beweegt

wordt liefdevol gedragen

tilt het naar een hoger plan

≈ 

vier je geboortedag

dans in de ruimte

de dans zonder danser

 ≈

By the way, by the pelgrims-way, Jan Jerfaas, als jij bij je geboorte nu alleen maar de naam Jan had gekregen, hoe zou je dan alles verwoorden als de naam Jerfaas er niet aan gegeven kan worden?

Dan had ik me Paulus genoemd en was ik als kabouter in het bos bij het Elfje gaan wonen.

Terwijl het elfje onbedaarlijk in de lach schiet bij dit antwoord, schiet tegelijkertijd vanuit de diepte van haar wezen het antwoord omhoog: Ja! Het elfje buigt zich voorover om in het beekje te kijken. Ze ziet zichzelf weerspiegeld in het beekje. TV99 en JJ66. Ze spiegelen elkaar. En Paulus…daar zal het elfje binnenkort wel meer van horen. Op deze geboortedag staat Jan Jerfaas in het middelpunt. En het sprookje dat hij beleeft, zorgt aan het einde van de pelgrimse dagreis voor een betoverende avond. Terwijl de tijd vervloeit tot geen tijd, vloeit in de tussentijd bij het beekje de inspiratie rijkelijk. En de pelgrims dompelen zich sprookjesachtig onder in Het Geheim van de Verdwenen Jantjes.

Er was eens, heel lang geleden, een jongetje dat eigenlijk een sprookje was, maar dat wist hij zelf niet. Hij dacht dat hij Jan heette, maar dat had hij niet zelf bedacht. Toen hij klein was, hadden zijn vader en moeder en zijn broers en zussen hem zo genoemd. Dus hij dacht dat hij die Jan was.

Toen het jongetje wat ouder werd, vertelde men hem dat hij nog een naam had, namelijk Jerfaas. Zo heette hij dus ook. Hij begreep er niets meer van. Was hij nu Jan of was hij Jerfaas? Of was hij Jan Jerfaas? Toen hij nog wat ouder werd en meer meegemaakt had, merkte hij dat er iets veranderde in hem. Hé, hoe kon dat? Veranderde Jan? Maar wie merkte dan dat Jan veranderde? Wacht eens eventjes, dat is natuurlijk Jerfaas, die ziet dat allemaal!

Zo ging het jongetje, dat nu een mannetje geworden was, zich geleidelijk aan meer Jerfaas voelen, die naar een sprookje keek. Eerst leek het of in dat sprookje die Jan, waarvan hij vroeger dacht dat hij dat zelf was, allerlei avonturen beleefde. Maar toen Jerfaas wat beter ging kijken, zag hij dat die Jan zich op heel verschillende manieren gedroeg. Soms was hij gierig en daarna kon hij weer alles missen. Soms zei hij gemene dingen en even later was hij weer heel lief. En zo zag hij nog veel meer verschillend en tegengesteld gedrag. Hoe kon dat nu?

Op een dag was het mannetje, dat zich steeds vaker Jan Jerfaas ging noemen omdat hij niet wist wie hij nu eigenlijk was, aan het wandelen, toen hij ineens ‘zag’ wat er aan de hand was met hem. Hij zag dat er een heleboel jantjes waren. Het was een complete toneelvoorstelling in zijn hoofd, ze deden allemaal net of ze dezelfde Jan waren, maar dat was niet zo.

Jerfaas zag het heel duidelijk; Jan is een sprookjesfiguur en bestaat uit een heleboel van die jantjes. Hij was erin getrapt, had het allemaal geloofd, maar dat zou niet meer gebeuren. Maar daarmee was hij ze nog niet kwijt, ze bleven steeds terugkomen en jengelen. Oei, nu was er een nieuw probleem, hoe kwam hij van ze  af?

Op een dag in mei liep hij door de tuin en zag dat de Lelietjes van Dalen volop in bloei stonden. Vol bewondering keek hij naar die prachtige bloemetjes en snoof hun etherische geuren op. Maar wat zag hij daar? Tussen de bloemetjes zat een heel mooi Elfje. Ze zat druk met een veertje in een schriftje te schrijven. Ineens keek ze op en zei: ‘Waarom staan jullie zo naar mij te kijken?’

Jerfaas zag dat één van de jantjes als het ware naar voren sprong. Het was jantje-aardig en die zei tegen het Elfje: ‘Omdat we nog nooit zo’n mooi wezentje hebben gezien, en dan ook nog met zulke prachtige vleugeltjes’.

Maar onmiddellijk was jantje-denk er ook bij en die zei: ‘Wat bedoel je met jullie? Want ik ben Jan en sta hier alleen.’

Jerfaas keek naar het schouwspel. Hij wist nu dat hij de jantjes wel kon zien, maar dat zij hem niet konden zien. Maar het Elfje kon de jantjes dus ook zien. Nu vroeg hij zich af of ze hem ook kon zien. Hij wachtte even totdat alle jantjes rustig werden, want alleen dan kon hij andere wezens bereiken, en vroeg: ‘Lief Elfje, jij ziet kennelijk een heleboel jantjes, maar kun jij mij ook zien? Ik ben Jerfaas.’

Hij hield zijn adem in, twee wijze oogjes als uit een andere dimensie keken hem aan. Haar mondje, gevormd als een bloemkelkje, opende zich en ze sprak: ‘Natuurlijk Jerfaas, ik zie jou en ook al die jantjes. En ik zie nog veel meer, bijvoorbeeld dat je in een ander sprookje terecht zult komen als een beekje, want dat is eigenlijk je derde naam. Maar voor het zover kan komen zul je eerst het sprookje van die jantjes moeten verlaten, en ik ga je daarbij helpen. Die jantjes belemmeren je vooruitgang. Let nu maar eens even op!’

Het Elfje stak haar hand tussen de bloempjes naast haar en pakte een toverstokje. ‘Kijk’, zei ze, ‘dit is een dromenmepper. Hiermee kan ik dromen veranderen of laten verdwijnen. In dit geval zal het stap voor stap moeten gebeuren en zelf zul je ook wat moeten doen.’ Jerfaas zag dat ze nu naar de jantjes zat te kijken, vooral naar die ene jantje-rarehumor die vaak zo doodserieus zit te kijken. Plotseling zwaaide ze met haar dromenmeppertje, wees ermee naar het jantje en sprak: 

acht negen tien

wie niet weg is

wordt gezien

En plof, alsof er een zeepbelletje uiteen spatte, was het jantje plotseling verdwenen. ‘Zo’, zei het Elfje voldaan, ‘die zien we nooit meer terug en ik zal er nog een paar weghalen’. En op dezelfde manier verdwenen er nog een paar. ‘Maar….’, zei ze nu, ‘ook jij zult er een paar moeten uitschakelen.’

‘Uhh’, zei Jerfaas bedremmeld, ‘hoe doe ik dat? Ik ben toch geen Elfje?’ ‘Nee’, zei ze gedecideerd, ‘en dat zul je nooit worden, maar als je een echt beekje wilt worden en met mij een mooiere reis wilt maken dan in welk sprookje ook kan voorkomen, dan zul je die jantjes moeten laten verdwijnen. En dat doe je als volgt: Eerst maak je met beide handen een V-teken, dat heeft verschillende betekenissen, maar in dit geval is dat het ‘Vrolijke Vissertje”, dat is mijn alias, mijn bijnaam en daar gaat veel kracht van uit. Daarna concentreer je je op een jantje en zeg je met overtuiging: 

iene miene mutte

tien pond grutte

tien pond kaas

Jerfaas is de baas

‘Ga daar voorlopig mee aan de slag. We hebben hier op deze plek een begin gemaakt met de zuivering van je sprookje, de volgende keer zal dat op een andere plaats zijn. Bij het boshutje, te midden van het groen bij de zuivere bron. Hoe je daar komt, heb ik je al laten weten. En ook Paulus zal bericht krijgen hoe hij via de Elfenroute daar kan komen.

En voordat Jerfaas met zijn ogen kon knipperen was het Elfje verdwenen. Verward wreef het mannetje Jan Jerfaas over zijn bolletje. Was het een droom? Droomde hij dat hij droomde of was hij even in een sprookje beland en er weer uitgekomen? Hopelijk duikt het Elfje weer op en helpt hem uit de droom of stopt hem in een sprookje.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 078 - De Verdwenen Jantjes | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De ballonvaart

Wat zijn wij zonder boeken? doet de deur van de boekenkast nog niet dicht.

Al lopend door de grote stad loopt TV tegen een boek aan waarvan ze het bestaan kent, en waarover ze ook wel gehoord en gelezen heeft, maar waar ze zelf nog nooit in gelezen heeft. Nu ze het in haar handen neemt en openslaat, voelt het meteen of Jan Jerfaas over haar schouder belangstellend mee kijkt. Ja, hij kent dit boek natuurlijk ook en is wellicht benieuwd wat het met Tetty zal doen. Ziet Tetty in gedachten Jan Jerfaas nu ook niet een beetje glimlachen?

Hier en daar leest Tetty wat en ja, dat geeft veel herkenning met datgene wat Jan Jerfaas met haar gedeeld heeft. Ook herkent ze het een en ander in wat zich tussen hen afspeelt m.b.t. hoe de Cursus ervaren wordt. Al verder bladerend voelt ze nog steeds hoe Jan Jerfaas geïnteresseerd toekijkt. Ja, dit boek gaat niet zomaar aan Tetty voorbij. Ondanks dat ze nog steeds het gevoel heeft dat alles is gelezen, bedenkt ze zich dat binnen het ‘onderzoeksinstituut’ m.b.t. het openen van de boekrol met de letter ‘i’ dit nog wel eens een nuttig naslagwerk voor haar kan zijn. Hoort ze Jan Jerfaas nu zachtjes grinniken?

En terwijl ‘De verdwijning van het universum’ onder haar arm verdwijnt, valt Tetty haar oog nog op een boekje met als onderwerp de verjaardagshoroscoop. Nieuwsgierig kijkt ze bij haar  geboortedatum 9-9 en verbijsterd leest ze de laatste regels van die tekst: U wilt graag ballonvaren, want vergezichten inspireren u en deze ervaring zal u ook helpen om alles in perspectief te zien. Hoe is het mogelijk!

Ze heeft er nog niet met JJ over gesproken, maar ze heeft juist van de week op een nacht de boodschap gekregen dat er op de een of andere manier contact zal zijn met Hoogvliet in Arnhem betreffende een ballonvaart. Dit kon zeker niet letterlijk bedoeld worden, zo had ze gedacht, aangezien ze voor geen goud in een luchtballon zou gaan. Maar wat werd er dan figuurlijk mee bedoeld?, zo had ze zich afgevraagd. En zie hier, in Arnhem, het antwoord. Alleen, hoe zit het dan met Hoogvliet? Daar zal zeker niet de supermarkt met die naam mee bedoeld worden. Vliet betekent stroom, stromend water. Aha, bij het elfje komt het beekje in beeld. Zou het trouwens kunnen betekenen dat wanneer Tetty de zaken meer vanuit de hoogte in perspectief zal zien, dat er vanuit de Hoge meer zal gaan stromen? Of is dit nu te ver gezocht?

Het elfje besluit zich naast het beekje neer te zetten en hem het verhaal te vertellen.

Aandachtig heeft JJ geluisterd en op de TV-vraag: Ik hoop dat dit verhaal beantwoordt aan wat jij verstaat onder de categorie ‘een boeiend programma dat het scherm zal gaan vullen’, kan hij niet anders antwoorden:

Nou, dat was inderdaad een boeiende uitzending van mevrouw Visser. Het krijgt van mij wederom een hoog kijkcijfer. En het zal je waarschijnlijk niet verbazen dat Jerfaas én de jantjes ditmaal eensgezind van mening zijn dat je wel een heel goed boek onder je arm hebt meegenomen.

Het is inderdaad een handleiding om ‘van boven af’ naar de wereld te kijken. En dan wordt met ‘wereld’ bedoeld het leven dat wij denken te leiden als persoon.

Ik stel me voor dat als je begint met lezen je al snel het gevoel krijgt in een rieten mand te zitten terwijl ernaast een enorme luchtballon, als een aspirant-hemellichaam, ligt te wachten om op te stijgen. Daarvoor is een toestroom van helium nodig, zoals bekend een zogenaamd edelgas en lichter dan lucht. En volgens de wet van Archimedes zal dan, vanwege het verschil in soortelijk gewicht tussen de gassen binnen en buiten de ballon, een opwaartse kracht ontstaan.

Volgens één van de jantjes kun je dat vergelijken met het gehalte aan ego in de menselijke geest. Hoe meer ego, oftewel afscheidingsgedachte, oftewel persoonlijke identiteit, hoe meer wereld gebonden men is. Echter wanneer het ego plaats gaat maken voor de instroom van de Heilige Geest zal bij een bepaalde kritische grens (bevrijding) een opwaartse kracht ontstaan die net als bij de luchtballon een afstand gaat bewerkstelligen tot de aarde oftewel het wereldse denken. Dus die ballon ontstijgt niet alleen de aarde maar gaat nog veel verder.

Al lezend en zittend in die rieten mand zal iedere bladzijde en zeker ieder hoofdstuk een flink volume helium de ballon inblazen. Het zal me niet verbazen dat al na korte tijd, oftewel weinig pagina’s, de ballon al boven je hangt en aan de mand begint te rukken. En naarmate je hoger komt, en wel met een gevoel van herkenning(!) neerkijkt op de wereld, er meer overzicht ontstaat. Het geestelijke perspectief biedt een meer dan fantastisch uitzicht op het menszijn, want dit kun je niet zelf bedenken. Waar gaat dat naar toe? Wel, de reis naar huis is aangevangen. Daar waar je nog steeds bent. De droom van ballingschap gaat vervagen en het volledig ontwaken is aanstaande.

Ja, beste Tetty. Dat boek had ik je al diverse malen willen aanbevelen, maar iets weerhield me. Ik had al sterk het gevoel dat de boekrol met de ‘i’ ondermeer dit boek bevatte. En wel omdat het, althans voor mij, voor honderd procent betrouwbaar is. Het is gericht op de CIW, maar is veel beter te begrijpen en voor velen lichter verteerbaar. Wat voor mij belangrijk is, is de brug die het slaat tussen christendom, Freudiaanse psychologie, nondualiteit en boeddhisme. M.a.w. alle belangrijke stromingen komen hier bij elkaar, net als in de CIW, echter in andere bewoordingen. En…de hoofdpersoon is Jezus, in het boek aangeduid met ‘J’.

Een aantal jaren geleden heb ik het gekocht en waarschijnlijk was dat de eerste editie. Ik heb mij toen heel intensief met de tekst beziggehouden. De onderstrepingen die ik
gemaakt heb, die voor mij de essentie van het boek inhouden, heb ik ooit
uitgetypt als een uittreksel. Al met al zal wanneer je dat boek gaat lezen een stille maar diepe wens van mij in vervulling gaan. Het zal onze communicatie zeer ten goede komen verwacht ik. En…als het universum verdwijnt…wat blijft dan over?…juist…SPACE!!

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 077 - De ballonvaart | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De boekenkast

De vraag: Wat zijn wij zonder boeken? opent bij JJ juist de deur van de boekenkast om nog meer boeken bij TV in beeld te brengen. 

Tetty, ik ben in aanraking gekomen met een merkwaardig boek, getiteld: Reis voorbij Woorden. Het zijn de geschreven teksten van een Stem die ontvangen werd bij een CIW groepje, zich de schrijver van de Cursus in Wonderen noemde en zich bekend maakte als Jeshua. Ondanks dat het vertaald is, vind ik het wondermooi geschreven en raakt het precies aan de essentie van de CIW. Voor mij is er geen twijfel wie de Stem is. En het geschrevene is ook zonder twijfel ‘uit den Hoge’ nedergedaald. Voor mij is het de Waarheid ten top, in CIW termen wordt dat Kennis genoemd. Kennis is iets wat niet op aarde verworven kan worden, maar Inzicht is wat hooguit door de H.G. geschonken kan worden.

Kijk, hier heb ik een tekst uit het boek Reis voorbij Woorden. Die gaat over de betekenis van Liefde, en dan zoals de CIW en Jeshua dat beschrijven. Zou de ‘juf’ die ook willen lezen? En vertellen of zij het geschrevene ook kan be-Amen?

Ja hoor, dat wil ‘juf’ wel, haha. Ze zal het op haar TV scherm in beeld brengen.  

Ik ben benieuwd wat jij voelt, wanneer je die tekst met grote aandacht leest.

Ooit noemde ik ook de naam Jozef Rulof. Ik ben erg onder de indruk van de boeken van Jozef Rulof. Zoals je waarschijnlijk weet zijn die voor en tijdens de tweede wereldoorlog geschreven. Zijn gids, genaamd Alcar, gaf hem die boeken door. Je bent bekend met zijn boeken? 

Ja, vele jaren geleden attendeerde iemand mij op het werk van Jozef Rulof. Het is indrukwekkend wat die man allemaal geschreven heeft en hoe het allemaal tot stand is gekomen. Zo links en rechts heb ik een aantal van zijn boeken doorgebladerd en hier en daar wat gelezen, maar het sprak mij in die zin niet direct aan. Te langdradig en teveel eindeloze uiteenzettingen. Uiteindelijk liep ik tegen een tweedehands exemplaar van ’Een blik in het Hiernamaals’ aan. Ik heb het gekocht maar niet in zijn geheel gelezen, want ik stuitte op eerder genoemde bezwaren en feitelijk las ik niks nieuws. Sinds die tijd staat het in de kast. Op aanraden van de persoon in kwestie heb ik toen nog het boekje plus dvd ‘Onze Kosmische Evolutie van Ziel en Lichaam’ aangeschaft. Zelfde laken en pak. Interessant, en niet meer dan dat.  

Ooit is mij in een droom de kracht van de eenvoud geopenbaard en op de een of andere manier beantwoorden deze boeken daar voor mij niet aan. Neemt niet weg dat ze natuurlijk veel antwoorden geven op levensvragen.  

Ik heb, denk ik, een stuk of vijf boeken van Jozef Rulof gelezen. Sinds lange tijd heb ik er al niet in gelezen, maar destijds deed ik dat graag.

Waarom?

Hij legt redelijk binnen de terminologie van het christendom uit hoe het hiernamaals er uitziet. En dan, neem ik aan, vanuit het begripsvermogen van de gewone mens. En voor zover mijn regressie-ervaring strekt, lijkt het zo te zijn. Ieder mens heeft zijn eigen afstemming en wordt daar vanzelf naar toe gezogen. Het is verbazingwekkend dat ‘de kerk’ die boeken niet gebruikt heeft om zijn leden aan zich te binden. Het kan het zogenaamde geloof alleen maar versterken, denk ik dan.

Door mijn BDE heb ik ervaren dat wat uiteindelijk de vraag ook is, het antwoord is Liefde. Dat overstijgt alles. En hoe die hele geestelijke wereld en alles wat daarbij komt kijken er dan ook uit mag zien, en hoe het allemaal inwerkt op ons leven, is voor mij in dat Licht bezien minder belangrijk en uiteindelijk ook nog een zekere mate van vorm. Voorbij dat alles is God de Scheppende Kracht die Liefde is. En op het moment dat wij aan Gene Zijde komen zal uiteindelijk de vraag zijn: Wat heb jij aan Liefde gedaan? Nou, dan kom ik toch weer bij Jezus uit. 

Binnen het palet van spirituele opwekkingsmiddelen hebben deze boeken naar mijn mening zeker recht op een plaats. Maar dat is mijn mening. Uiteindelijk gaat het toch om het stimuleren van een hoger bewustzijn? En welke woorden
daarvoor gebruikt worden zal per persoon verschillen. Het is moeilijk te ontkennen dat de CIW van Jezus komt, maar vreemd genoeg spreekt het ook niet iedereen aan.

Zoals je weet beschouw ik de CIW als een persoonlijk onderricht van Jezus oftewel de H.G. Het is een praktisch gerichte cursus, erop gericht de H.G. te verstaan. Het Werkboek is in wezen de ‘proefrit’ na lezen van de ‘instructie’, het Tekstboek. Het neemt precies één jaar in beslag als men één les per dag ‘doet’. Ook door mij wordt aangenomen dat het een boodschap van Jezus is om de zogenaamde christelijke leer te zuiveren van onjuistheden. Ik ben daar zo door geraakt, dat voor mij geen andere uitleg meer mogelijk is. De Cursus geeft me precies wat ik decennia lang gezocht heb. En… voor een vraagbaak op de Christelijke Zondagsbeurs kan het nuttig zijn om er iets over te weten?

Zo ook de al eerder genoemde zogenaamde ‘Christus Brieven’. Een boek met ‘doorgevingen’ van Jezus, en dan vooral over zijn eigen leven als mens met een boodschap. Waar of niet waar, sommigen vinden er ‘de weg omhoog’ mee. En niet te vergeten ‘Het Urantia Boek’. Indrukwekkend. Zoiets kan een gewone sterveling niet schrijven. Wie wel? Ik weet het niet. Jan vindt het allemaal machtig interessant en diep van binnen is er het gevoel dat het ergens toe dient dat hij zoveel materiaal heeft gelezen. Het is een beetje als veel talen spreken. Kan ooit wel eens van pas komen. En het lijkt of Jerfaas dat weet.

Maar je kunt nog zoveel talen spreken, het gaat er uiteindelijk om dat je de taal van het hart spreekt en verstaat. Het hart spreekt de taal van de Liefde die door iedereen verstaan kan worden. Het is de ÉÉN-ige taal die geen woorden nodig heeft. 

Al sprak ik de talen van alle mensen en die van de engelen – had ik de liefde niet, ik zou niet meer zijn dan een dreunende gong of een schelle cimbaal. (1 Korintiërs 13:1) 

Ja, uiteindelijk zeggen al die boeken over ‘hoe het zit’ in wezen niets. Het is zoals je eerder zei, Tetty, het voegt eigenlijk niets toe. En je kunt er dan als ego-persoon van alles van vinden en er oeverloos over praten. Toch zijn er boeken die kunnen boeien of die reeds lang gewortelde overtuigingen wat kunnen bijstellen of verfraaien. Althans dat is de mening van Jan.

Waar de scheidslijn ligt tussen de meeste zogenaamde spirituele lectuur en de andere boeken en geschriften die van uitzonderlijk nivo zijn, zowel qua filosofische inhoud als de invloed op grote groepen mensen en dan niet te vergeten het literaire gehalte, dat is meer dan één gesprek waard. Uiteindelijk telt alleen de ervaring van de persoon en dat lijkt dan persoonlijk in de vorm van subjectief. Maar datgene wat leidt tot een universele ervaring zoals de ultieme innerlijke vrede, dat is wat telt. En dat, waarde Tetty, is menig gesprek van schaap tot schaap waard, zonder wollig taalgebruik.

En dan tot slot nog een reactie op je opmerking ‘Wat zijn we zonder boeken?’ Namens mezelf kan ik zeggen dat mijn spirituele zoektocht daar volledig van afhankelijk was, en ook nog is. Ook op internet kom ik zulke fantastische dingen tegen, het is Geweldig. 

JJ, het kan allemaal best boeiend zijn, maar ik bespeur toch bij mijzelf geen enkele behoefte meer om al die informatie tot mij te nemen. Ik ben op dit moment meer gericht op de informatiestroom van binnenuit. En met de vraag ‘Wat zijn wij zonder boeken?’ die blijft zweven in de ruimte, doe ik nu aan het einde van de avond de deur van de dag zachtjes dicht. Er is alleen maar stilte en leegte en ik zou niet weten welke woorden ik nog ergens aan zou kunnen geven. Ik hoop in ieder geval met grote aandacht te lezen wat ‘uit den Hoge’ is neergedaald. Voor nu wens ik jou een Goede Nacht ‘in den Hoge’ toe. 

Hoewel de indruk bestaat dat slapeloze nachten niet voorkomen in het sprookjesbos, kan de tekst uit Reis voorbij Woorden gezien worden als zeer verantwoorde bedlectuur. Een goede nacht toegewenst voor, en door, lichaam en geest.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 076 - De boekenkast | Leave a comment