Monthly Archives: juni 2015

Het Pad van de Pelgrims – Er leefde eens…

De TV vraag Welk sprookje denk jij dat ik ben? zweeft door de nacht en JJ vraagt het zich af. Hij gelooft wel in haar, maar hoe komt hij dat te weten? Maar gelukkig komt Klaas zoals Vaak te hulp. En bij nacht wordt hem in het oor gefluisterd wat hij zich bij dag herinnert.

Er leefde eens…heel lang geleden…in een heel ver land…een bijzonder elfje. De anderen noemden haar het ‘Vrolijke Vissertje’. Het was een heel leuk elfje en ze kon heel mooi schrijven. Zo mooi, dat wanneer de andere elfjes dat lazen, ze spontaan begonnen te huilen van blijdschap en ontroering. Door al die tranen was er een beekje ontstaan wat door het sprookjesbos stroomde. In de beek zwommen ook Oost-Indische inktvissen en af en toe ging het vrolijke vissertje er eentje vangen, want ze had weer inkt nodig.

Als ze dan door dat mooie sprookjesbos liep, waar ook baardgrasjes groeiden,  plukte ze bosvruchten om lekkere taart van te maken. Maar naarmate ze dichter bij de beek kwam, begon ze te lachen, hi hi, ha ha, hi hi hi. Dat kwam door het sterretjesmos wat daar overal groeide. Dat kietelde behoorlijk onder haar blote voetjes. Vooral onder die schattige jubelteentjes voelde ze dat. Dus daarom werd ze het vrolijke vissertje genoemd. 

Als ze dan zo’n inktvisje had gevangen, ging ze naar Moeder de Gans. Dan zei ze: ‘Hebt u nog een veer gelaten?’, in de hoop dat de gans in de rui was, want ze had weer een nieuwe ganzenveer nodig om te kunnen schrijven. En dan liep ze naar het elfenwinkeltje om wat schriftjes te kopen, waar ze haar mooie verhaaltjes in opschreef. Voor vijf van die schriftjes betaalde het elfje dan een tientje. 

Op een mooie lentedag kwam ze al lachend weer bij de beek. Het water murmelde rustig voorbij. Ze vond altijd dat het dan net was of hij iets tegen haar zei. Het elfje praatte ook tegen de beek die ze als een vriend beschouwde, want ze kwam er zo vaak. 

Terwijl ze in het water tuurde of er een inktvisje zwom, zag ze zichzelf in het water. Dat had ze nog nooit gezien. Ze was eigenlijk best mooi ook. En ze zei: ‘Lieve goede beste beek, wie is het mooiste elfje in deze streek?’ Maar voordat ze het antwoord kon horen, verloor ze haar evenwicht. Door al dat bosvruchtengebak had ze een stevig buikje gekregen en ze viel voorover in de beek. Die ging van schrik weer harder stromen en zoef…daar gingen ze, de beek en het elfje, met grote snelheid naar de horizon. Ze waren niet meer te stoppen. 

Korte tijd later, om elf uur ongeveer, kwamen ze door een parkachtig landgoed aan de kust. Het heette ‘Secret Garden’. Toevallig stond de eigenaar, die een hele beroemde troubadour was, naar hen te kijken. Geboeid keek hij naar dit schouwspel van het beekje en het elfje die tezamen in de Grote Stille Oceaan terechtkwamen om aan een lange reis te beginnen naar Droomland. En de troubadour werd geïnspireerd er een lied over te maken. Het vrolijke vissertje was zijn Muze geworden.

Zo verschijnt in het sprookje van de twee spirituele zoekers niet geheel onverwachts het sprookje van het elfje. De ware 11 die een rol speelde in de droom van het meer van Lugano. Het eerder aangekondigde moment dat die droom de kiemkracht in zich draagt die zal leiden tot de creatie van het 11-achtige wezentje het elfje door het stromende beekje is nu aangebroken.

Jij mag dan in mij geloven, JJ, maar jij bent echt ongelooflijk…en dan in de zin van buitengewoon. Mijn dank is groot voor de very, of beter gezegd, fairy beautiful woorden waarmee het verhaal van het elfje en het beekje tot leven is gebracht. Dit is ook Groen Geluk. Niet alleen het water dat ons verbindt, maar ook dit sprookje ligt al besloten in een Visser en van Beek. 

Opnieuw voel ik de hunker in de bunker waar ik 20112012 las en mij afvroeg: ‘Zullen de pelgrims met z’n 2-en via de 11 met z’n 2-en aankomen bij de 12? Het hemelse getal dat zowel het aardse als het goddelijke in zich besloten houdt. Het getal van de geestelijke vervulling, wanneer alles tot voltooiing komt.’ Het lijkt naderbij te komen TV, en dat alles met een hoog frequente woordelijke uitwisseling van betekenis met een ‘very special creature of nature’ waar ik Heilig in geloof.

Nou, het doet mij deugd dat gij in mij gelooft, en nog wel Heilig ook! 

In de Schrift staat de uitdrukking ‘Kom mijn ongeloof te hulp’, echter in mijn geval zou dat zijn ‘Kom mijn geloof te hulp’. Kortom…Let’s keep on sailing en please be my compass… 

We zijn AL ÉÉN van hart!

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 063 - Er leefde eens... | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – Sprookjes-spraak

De pelgrims zitten in stilte en ze kijkt en voelt om haar heen. Alles ademt een mystieke sfeer. Ze ziet de bomenrijen, dichtbij en veraf, en het voelt alsof ze zich op een plek in het buitenland bevind, waar ze helemaal op haar plek zit. Zacht klinkt haar stem als ze zegt:

Het voelt alsof ik bezig ben een sprookjesachtige spannende reis te maken naar onbestemde verten dichtbij, waarvan ik voel dat ik het al ken en zal gaan herkennen, omdat ik AL gekend ben. Want het gevoel buitenlands te zijn ontstaat vanuit het binnenlands Zijn. 

Ik voel mij als Djaiana die in het boek ‘Het woud der inwijding’ van Marcel Messing het woud betreedt, waarin de geheimen van Het Leven geopenbaard zullen worden, waarin het Zijn zich laat voelen. Het is het gevoel dat ik ook had tijdens mijn BDE toen ik voor die poort stond waar het Wezen van Licht als een poortwachter stond. 

Ik word gekend. Hij wenkt mij om dichterbij te komen en ik voel een groot verlangen om verder te gaan. Ja, ik wil niets liever dan verder gaan in het Licht. Het heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht, want ik weet het zeker: als ik bij de poort kom, zullen de deuren voor mij geopend worden waardoor ik verder in de hemel zal komen en dan zullen er geweldige dingen aan mij geopenbaard worden. Ik voel ongelooflijke blijdschap. (Verdwaald verlangen – Een zoektocht naar de hemel op aarde) 

In haar woorden kijkt hij met haar mee. Hij weet dat tijdens haar BDE de deuren gesloten bleven, maar nu lijkt het alsof de deur op een kier staat en hij luistert naar het beeld wat ze daar doorheen ziet. 

Ik zie ons op een pad lopen. Een onverhard pad, rotsachtig en zanderig. Het is een kustweg tegen de berg aan. Links van het pad is her en der lage begroeiing van struikgewas en beneden in de diepte strekt, als een wijds uitzicht, de oceaan zich uit. Rechts van ons bevindt zich, als een soort bescherming, de rotsachtige wand van de berg. Het is een warme, maar niet te warme, zonovergoten dag. Wij lopen daar naast elkaar en alles ademt ‘het gaan in Alomtegenwoordigheid’. 

Het is het pad waarop we ons bevinden, Tetty. Het is het sprookje van twee spirituele zoekers die een Heilige relatie opbouwen, en dat weer binnen het sprookje van een leven als man c.q. vrouw op aarde… enzovoort… enzovoort…

Je weet inmiddels dat ik een liefhebber van sprookjes ben. Toen we over ‘symbolen’ spraken heb ik jou verteld dat ik als 5-jarig kind de ervaring had: IK BEN EEN SPROOKJE.

Wat is een sprookje? Waar komt dat woord vandaan? Is er een etymologische verwantschap met het woord ‘spraak’? Ik weet het niet. Als je kijkt naar onze westerburen, de Britten, die hebben zo’n mooi woord voor sprookje. Fairy Tale. Alleen de uitspraak al brengt me in een toestand van zalige fantasieën, in een wereld waar alles mogelijk is en louter mooie dingen beleefd kunnen worden. En het woord Fairy betekent elfje of fee. En Tale betekent verhaal. Dus een sprookje is een elfjes verhaal. Prachtig!!

Geweldig JJ! Tja, men zegt dat sprookjes niet bestaan. Maar ik ben niet voor niets een sprookje. En als jij in mij gelooft, geloof je ook in sprookjes. En om het geheel nu tot een sprookjesachtig moment te maken, vraag ik jou: Welk sprookje denk jij dat ik ben?

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 062 - Sprookjes-spraak | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – My trusty friend

Vooruitkijkend op wat komen gaat, bladert TV in gedachten nog even terug in de afgelopen tijd waarop het pelgrimspad vorm heeft gekregen en voor ze het weet raakt ze verzeild in het verhaal Tetty & Jan Jerfaas. Al mijmerend en bezinnend herinnert ze zich de woorden die de water-landers tot elkaar hebben laten stromen. Wat een verhaal! Vanaf de eerste ontmoeting, via een ontmoeting in de geest, tot aan nu toe, wordt door beiden een boeiende en inspirerende kijk gegeven in allerlei interne zaken. En met verwondering komt de gedachte hoeveel verhalen zij wellicht al samen beleefd hebben voordat zij in dit verhaal weer samen zijn gekomen. Waarom en waartoe?

Het voelt alsof deze terugblik de overgang van het oude naar het nieuwe waarin de pelgrims zich bevinden, wil bekrachtigen met datgene wat zich in de afgelopen tijd zo bijzonder heeft ontwikkeld en in bepaalde opzichten een belofte in zich lijkt te hebben met betrekking tot datgene wat zich zal gaan ontwikkelen.

Uiteindelijk, geroerd door alles wat ze in gedachten heeft gelezen, is de laatste bladzijde tot nu toe omgeslagen. Ze heeft geen benul van uur en tijd gehad, zoals ze ook niet gehoord heeft dat er vanuit de verte een lied naderbij gekomen is. Maar nu wordt ze zich ineens volledig bewust van het lied dat ze hoort, alsof ze het nog nooit eerder heeft gehoord. Op de een of andere manier klinkt het perfect bij het moment dat ze als perfect ervaart.

‘Auld Lang Syne’ hoort ze zingen. Ja, dat is de titel van het lied, dat weet ze wel, en de melodie is natuurlijk ook overbekend. Maar zo indrukwekkend als ze het nu hoort, heeft ze het nooit eerder ervaren. En ze weet dat dit haar altijd bij zal blijven en haar zal herinneren aan dit moment waarop het verhaal van Jan & Tetty tot leven is gekomen. Als de laatste tonen hebben geklonken, vraagt ze zich af wat voor lied het nu eigenlijk is en wat precies de tekst zal zijn.

‘Auld Lang Syne’ is een gedicht en lied van de Schotse dichter Robert Burns. De titel kan vertaald worden met ‘lang geleden’ of ‘vervlogen tijden’. Traditioneel wordt het lied gezongen bij de overgang van het oude naar het nieuwe jaar. Het lied is melancholiek van aard en wordt ook wel gebruikt als afscheidslied. De tekst verwijst naar de herinneringen aan oude tijden, waaraan men gezamenlijk terugdenkt onder het genot van een goed glas.

Days Long Ago 

Should old acquaintances be forgotten
And never be remembered?

Should old acquaintances be forgotten
and days long ago.

For days long ago, my dear,
For days long ago
We’ll drink a cup of kindness yet
For days long ago!

And surely you’ll have your pint tankard
And surely I’ll have mine.
And we’ll drink a cup of kindness yet
For days long ago.

We two have run about the hills
And pulled the daisies fine
But we’ve wandered many a weary mile
Since the days long ago.

We two have paddled in the stream
From morning sun till dinner-time
But the broad seas have roared between us
Since the days long ago.

And here’s my hand, my trusty friend,
And give me your hand too,
And we will take an excellent good-will drink
For the days of long ago.

Aandachtig neemt ze de woorden in zich op. Ze herinnert zich nog dat Jan Jerfaas eens zei: Tetty, ik zie en voel jou nog steeds als een oude bekende in wier aanwezigheid ik een sterk gevoel van rust ervaar’ en Onderweg lijkt er van alles te gebeuren en kan het zijn dat je iemand ontmoet die in hetzelfde tempo dezelfde richting gaat. Soms voor korte tijd, soms voor een lange tijd, vaak zijn het ‘oude bekenden’. Raakt dit lied aan zo’n ‘lang vervlogen ogenblik’ wat gezamenlijk beleefd is en waaruit in een Green Eyes ogen-blik de beleving nu is voortgekomen?

Op het TV scherm verschijnen de in dit leven geziene Schotse Hooglanden. Over hoeveel heuvels en bergen zijn ze gegaan? Hoeveel madeliefjes zijn er geplukt? Hoelang is er gezworven over vele moeizame afstanden? Hoe vaak hebben ze gepeddeld in de stroom? Hoelang buldert de wijde zee al tussen hen? De zee waar de Oceandreamers nu naar op weg zijn. In ieder beeld is de verbinding voelbaar aanwezig.

Ook hij heeft verrast meegeluisterd. Het lied roept een ietwat weemoedige herinnering op aan een verblijf in Schotland. Hij was daar ooit een dag of vijf in Findhorn, de beroemde Spiritual Community. Hij herinnert zich een late avond, met een heldere lucht en windvlagen. In de verte was boven zee het Noorderlicht te zien en met het geruis van de golven op de achtergrond hoorde hij een vrouwenstem een Schots lied zingen. Dit was al een sprookjesachtig gebeuren, maar de plotselinge korte windvlagen onderbraken af en toe voor korte tijd het gezang. Althans het horen daarvan. Het leek of er stukjes uitgeknipt werden. Nooit zal hij dat vergeten.

Hoe mooi dat je daar geweest bent, JJ. Al met al ervaar ik in dit tot de verbeelding sprekende moment en lied een buitengewoon krachtige energie. Ik vind het zeer toepasselijk en heb hier niets anders aan toe te voegen dan als ‘oude bekende’, genaamd Tetty, te zeggen: PROOST! ‘oude bekende’, genaamd Jan Jerfaas. 

En wat er allemaal tot het verhaal van Jan Jerfaas en Tetty geleid heeft…ach, het gaat daarin om het verhaal NU! En de spreuk van de dag op de Findhorn kalender zegt: De zaken van de geest, daar gaat het om. Begin nu meteen te leven naar de geest en bewandel de wegen van de geest. 

NU…als wij samen die weg gaan…..met Liefde… and here’s my hand, my trusty friend, and give me your hand too…

wordt vervolgd…tot NU…

 

Posted in 061 - My trusty friend | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De CIW en leermiddelen

In de stilte van de ontwakende dag is een lichte ruis hoorbaar. Twijfel sluipt op kousenvoeten de morgenstond binnen en breekt in op het aanbreken van de vroege morgen. In de ochtendstemming groeit bij JJ de behoefte om een stem te geven aan datgene waarmee de steeds groeiende afstemming tussen de water-landers gediend zou kunnen zijn. En resonerend op een diep niveau van verbinding tussen elkaar stelt TV haar zender in, zodat er over en weer een feilloze ontvangst kan zijn. Want als er ruis op de lijn zit, is afstemming van wezen-lijk belang om voorbij de ruis te komen, zodat er ongestoord contact kan zijn. En TV hoort JJ zeggen:

Vanochtend toen ik wakker werd zogezegd was eigenlijk alleen Jerfaas bij bewustzijn en die nam ‘gedachten’ waar, die niet van de jantjes leken te zijn, maar het zou kunnen van wel. Die gedachten gingen  over de Cursus in Wonderen en de belangrijkheid van die boodschap.

Jezus heeft bijna 2000 jaar gewacht voordat Hij de Cursus in Wonderen heeft doorgegeven. Het is een spiritueel, filosofisch en psychologisch manuscript van een dusdanig hoog nivo, dat iedereen die de moeite neemt het in te kijken zijn leven ziet veranderen. Ook komt het voor dat men het in de hoek gooit omdat bepaalde dogma’s gecorrigeerd worden. En daar is het nu juist voor verschenen.

Het is een complete leerweg die voor mij ontzettend veel betekent en mij veel inzichten heeft verschaft. Althans, zo komt het me voor. Alle mogelijkheden om het Koninkrijk te betreden komen daar in voor.

De CIW is subliem in het blootleggen van het ego. Het werkboek is de ontmoetingsplaats van het ego en dat is een heftige reis, die 365 zogenaamde lessen. Daar waar het tekstboek regelmatig uitmunt in ondoorzichtelijk taalgebruik, is het werkboek verbluffend helder. Althans voor degenen die werkelijk de weg terug naar God wensen. Want zo niet, dan zal het ego ook het werkboek afkeuren met argumenten die de persoon in kwestie het beste uitkomen. Het accepteren van, zoals de Cursus het stelt, het feit dat de volledige wereld buiten je een weerspiegeling is van het innerlijk, al dan niet bewust, vraagt nogal wat.

De CIW legt uit dat het ego ontstaan is bij de afscheiding van God en zich daarna verdeeld heeft in talloze fragmenten die wij zieltjes noemen. En de terugkeer naar de Eenheid is de weg van bewustwording, dus het loslaten van iedere vorm van uniciteit. Jan is een fantoom. Alles wat tijdelijk is, is niet werkelijk. Jan, het steeds veranderende lichaam met zijn steeds veranderende verhaal, is niet werkelijk. Het niet veranderende aspect wat er is, is wat ik Jerfaas noem.

Eigenlijk is het zo dat alles wat Jan gelezen heeft iets toevoegen is aan Jan, en die is ego. Maar mogelijk kan die informatie wel het geloof in de persoon losweken. Per slot  heeft Jezus ook tijdens zijn aardse leven informatie onder de mensen gebracht. Net als dat nu via andere kanalen geschiedt.

Het persoonlijke ego heeft die andere mensen ook nodig, om er iets van te vinden, iets te misprijzen en te oordelen. Jerfaas ziet die vaak heel subtiele meningen die in de gedachten van Jan opduiken. En zoals altijd worden die zachtkens door de H.G., de Heilige Geest, symbool voor ons juist gerichte denken, gecorrigeerd. Het lijkt of er met een bloem op zijn schouder getikt wordt. Echt waar, Tetty, zo voelt het.

En de CIW vertelt dat die oordelende waarnemingen in feite naar buiten gerichte projecties zijn. In wezen zit het allemaal in Jan zelf. Het is verborgen schuld en angst, vanwege de vermeende afscheiding van God. Alle grote verlichten benoemen de toestand zonder ego als ‘de verlichting’ en ook de CIW en de christelijke traditie hebben daar woorden voor.

Ik meen dat je aanvoelt wat ik bedoel als ik zeg dat de woorden van Jezus uit de CIW, maar bijvoorbeeld ook de woorden van Tolle of andere leraren, op de een of andere manier voorbij zullen komen in mijn ‘geestesbewustzijn’. Dat is de ruimte die ik met jou wil delen. Het kan voor mij niet anders. Ik wil met jou delen wat voor mij het belangrijkste is, want ik voel diep van binnen dat het voor ieder mens het belangrijkste is. Jezus heeft gedemonstreerd dat het mogelijk is om van binnen vredig te zijn wat er ook maar buiten ons gebeurt. ‘De Vrede die ieder verstand te boven gaat is ons beloofd als zijnde te ervaren.’

Ja, dat is ook de ruimte die ik met jou wil delen en die we volgens mij al delen. Alles wat we tot nu toe met elkaar gedeeld hebben maakt daar op de een of andere manier al deel van uit. Want boven het denken en in alles wat gedeeld wordt, schijnt het licht van bewustzijn, het Licht van Liefde. In die Liefde zijn wij verbonden en het is die Liefde die ons samenbrengt. Zo voel ik het. Ik voel mij met hart en ziel in onvoorwaardelijke Liefde met jou verbonden. En dat is ook wat Jezus mij heeft laten voelen. Hij symboliseert voor mij de Weg, de Waarheid en het Leven. Hij heeft mij de weg van onvoorwaardelijke Liefde laten zien. Ik hoef alleen maar naar hem te kijken en ik weet genoeg. En daarbij gaat het niet om Jezus, maar om dat wat hij vertegenwoordigt. Het is de weg van onvoorwaardelijke Liefde die ik ga en die ik met jou wil gaan.

Tetty, al deze gedachten vanochtend maken me duidelijk dat het van cruciaal belang is om bepaalde dingen te delen. Uiteraard laat ik me daarin leiden. Geloof me, het gaat puur om dingen die van groot belang zijn voor de weg naar Boven, en zoals gezegd alleen datgene wat me aangereikt wordt. Dat kan iets zijn wat met de Cursus of met een andere manier van onderricht te maken heeft. Of bijvoorbeeld iets van Tolle, die ik als leraar erg hoog heb staan.

Je vertelde eens dat je een reserve voelde ten aanzien van bepaalde leraren. Jan heeft dat ook en vooral in het verleden ten aanzien van dominees. Maar goed beschouwd is iedere goede leraar iemand die louter de weg wijst. Niet de leraar is het onderwerp van devotie of aanbidding, maar datgene waar hij naar verwijst, dat is wat de uiterste aandacht verdient. De leraar dient alleen behulpzaam te zijn bij het wegnemen van de belemmeringen die het zien van de Waarheid in de weg staan.

Ah, in dat laatste zie ik het beeld uit mijn droom ‘De nieuwe school’, waar ik als speciale taak het schoonhouden van de vloer kreeg, waarbij ik belemmeringen tegenkwam. Als ik dan even terugluister naar wat ik daar zei: 

Het is belangrijk om eventueel vuil, als zijnde belemmeringen, tussen het bewuste en onderbewuste, die de scheiding in stand houden, op te ruimen. Zodat de basis ‘schoon’ is, er geen weerstand is en de Waarheid zo zuiver mogelijk gezien kan worden. Het is mijn taak om daar behulpzaam bij te zijn… 

en: 

In dat wat ik in mijzelf opruim en wat tegelijkertijd een groter algemeen belang dient, word ik geconfronteerd met de manier en het niveau waarop de ander leert, ervaart en zich ontwikkelt en daarbij mogelijk nog afhankelijk is leermiddelen en leerboeken. En dat heb ik te accepteren in plaats van dat ik graag zou willen dat die ander dat ook maar gaat opruimen…  

dan sluit dat aan bij wat jij nu noemt. 

Zo kan de Cursus of welk boek dan ook de functie van Leraar of leermiddel vervullen, want het kan alleen maar verwijzen naar de ‘innerlijke Leraar’ die staat te trappelen om uitgenodigd te worden.

Natuurlijk is dat zo. Maar mijn reserve geldt, in zijn algemeenheid, niet zozeer de leraar of het leermiddel, maar hoe er met de leraar of het leermiddel wordt omgegaan. Dat het niet, ook al heeft het iemand nog zoveel gebracht, tot het enige ware wordt gemaakt. 

Er zijn vele wegen die naar Rome leiden. Het gaat er uiteindelijk om dat je in Rome aankomt en de weg ernaar toe kan voor iedereen verschillend zijn. Ik ben in het zogenaamde spirituele circuit veel dingen tegengekomen die tot dogma verheven worden, terwijl het feitelijk slechts hulpmiddelen zijn. Iedere leraar, leermiddel of traditie heeft zijn waarde en het gaat inderdaad om waar het naar verwijst. Maar het gaat uiteindelijk om de ervaring en die doet zich voor in het leven. Het vasthouden aan of het volgen van een leraar/leermiddel kan een ervaring ook in de weg staan. In dat geval kan het, als ik naar ‘De nieuwe school’ kijk, een obstakel zijn waardoor je de vloer niet schoon krijgt. 

Maar ik meen bij jou toch wel wat twijfel te bespeuren aangaande uitspraken die naar Jerfaas verwijzen of als er van mijn kant citaten van bepaalde geschriften en mensen genoemd worden.

Wat betreft uitspraken die naar Jerfaas verwijzen en uitspraken die gedaan worden waarin bijvoorbeeld de Cursus of Tolle aangehaald worden…daarin gaat het erom of er ook daadwerkelijk een innerlijke ervaring mee verbonden is. Dat het niet alleen maar kennis en begrip van het hoofd is, maar ook een weten en ervaring van het hart. Zelf zeg ik alleen maar wat ik ook zelf gevoeld en ervaren heb. Want anders blijft het boekenwijsheid. 

Uiteraard hoeft er geen enkele belemmering te zijn om iets of iemand te citeren. Maar je kunt nog zoveel boekenwijsheid bezitten, het gaat er uiteindelijk om dat je het vertaalt en integreert in je dagelijks leven en als zodanig de ervaring in het leven voelt en gevoelsmatig begrijpt, dan wel bewust bent geworden. Alleen op die manier groei je aan het leven ten Leven en wordt kennis van het hoofd omgezet in kennis van het hart. Dat is een dieper weten, een innerlijke wijsheid die in je ligt. 

En in hoeverre is de twijfel die je bij mij meent te bespeuren je eigen twijfel die je op mij projecteert? Maar zoals je al zei: Twijfel is van het ego, en daar worden we stap voor stap van verlost onder Zijn Leiding. Laten we daarom als water-landers een stap zetten door onze twijfels te laten varen.  

We willen deze stap volledig zetten, opdat we met meer zekerheid, oprechter en met een steviger onderbouwd vertrouwen weer verder kunnen gaan. Onze schreden zijn niet altijd even vast geweest, en twijfels hebben ervoor gezorgd dat we onzeker en langzaam de weg gingen die deze cursus uiteenzet. Maar nu spoeden we ons voort, want we naderen een grotere zekerheid, een bestendiger doel en een zekerder bestemming. (Wd1.hV.In.1:4-6) 

Het is dus mogelijk ‘van gedachten te wisselen’ zonder uitzondering. En dat er over en weer dingen mondeling doorgegeven worden, is voor Jan Jerfaas wel zo aangenaam, aangezien het energieveld waarbinnen dat gebeurt bijzonder weldadig aan voelt. Het is verbluffend, Tetty, en is voor mij H.O.E. genaamd, Heaven On Earth.

Vermomd als ego-verschijning, bijgenaamd Jan, maakt het Jerfaas zo mogelijk nog gelukkiger dat de zogenaamde Tetty de CIW is gaan waarderen. Hoe kan het ook anders. Als er al vele (dwaal) wegen naar Rome leiden, hoeveel leiden er dan wel niet naar de Hemel? En naar de overtuiging van Jerfaas zou één van die wegen naar de Hemel best wel via Rome kunnen lopen.

Jezus roept zijn kudde tezamen, en naarmate de schaapjes meer samen optrekken naar de hemelse grazige weiden, gaat hun geblaat meer éénstemmig klinken. Zij spitsen hun oortjes om de Stem van de Goede Herder goed te kunnen horen. En hij spreekt op vele manieren, dat moge duidelijk zijn, ook middels geschreven woorden. Hoe stiller de schaapjes zijn, hoe meer ze Hem kunnen horen.

We kunnen putten uit vele bronnen die de boodschap brengen, maar waak ervoor dat je volledige afstemming wilt hebben op of via het een of andere leermiddel. De boodschap kan op velerlei manieren tot je komen. Richt je op de boodschap zelf, zonder de vorm waarin die verschijnt of de taal waarin gesproken wordt te verheffen tot. Zelfs de Cursus zul je dienen los te laten. Lees en luister door de vorm heen. Laat de boodschap tot je hart spreken. 

Ervaren is zien met je hart. Dus laten we van HARTe ÉÉN-stemmig afgestemd het pad voortzetten.