Monthly Archives: mei 2015

Het Pad van de Pelgrims – De stem van afstemming

Maar de stem van afstemming in hem is nog niet tot zwijgen gekomen. Als hij in gedachten de gesprekken tussen de pelgrims terughaalt, dan hebben ze tamelijk intensief de inhoud van de ‘woonkamer’ geëtaleerd. En dat is best bijzonder, want dat is met weinig mensen mogelijk. Daarbij lijkt het hem wenselijk dat ze elkaar goed begrijpen met betrekking tot de gebruikte termen, zoals die bijvoorbeeld ook in Cursus genoemd worden. Het is niet uitgesloten dat ze niet helemaal hetzelfde bedoelen met ‘ego’, ‘de wereld’, ‘vergeven’, ‘relatie’, enzovoort. Allemaal begrippen die ze gebruiken in hun communicatie, maar door iets verschillende interpretatie tot verwarring kunnen leiden. Als ze met woorden diep willen communiceren, dan is het noodzakelijk te weten of ze dezelfde begrippen hanteren. Anders is er een Tetty spiritualiteit en eentje van Jan, en blijven ze eindeloos aftasten wat de ander bedoelt.

Wat is er mooier als de beelden en emoties in je hoofd ongewijzigd bij een ander mens binnenkomen. Dat de ander precies begrijpt wat je voelt en bedoelt.  Dan pas ben je één van geest. En dan zijn het nog steeds symbolen van iets wat dat overstijgt. Geweldig toch!

Hij denkt terug aan de heldere uiteenzetting over symbolen die Tetty een keer gaf naar aanleiding van wat hem toen ingegeven werd. Hij kreeg toen voorzichtig de indruk dat op dat niveau een verbinding tussen hen groeide.

Het feit dat hij opnieuw een zeer duidelijke droom heeft gehad, waarvan de laatste in meisjesachtige kleuren getoond is, is wellicht een voorzichtige aanwijzing dat er een overlapping mogelijk is tussen de dingen die beide pelgrims getoond worden. Misschien ontstaat er ooit een volledige overeenkomst. Maar rustig afwachten wat er gebeurt of niet. Een andere keus is er niet, zo besluit hij zijn eigen gedachtewisseling die hij hardop sprekend de ruimte instuurt.

wordt vervolgd…tot NU…

 

Posted in 059 - De stem van afstemming | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De kiosk

De lucht draagt de gesproken woorden die hun weerklank vinden in de gelezen woorden als het blauwe boek opengeslagen wordt.

God is de Denkgeest waarmee ik denk. Ik heb geen gedachten die ik niet deel met God. Ik heb los van Hem geen gedachten, omdat ik geen denkgeest heb los van de Zijne. Als deel van Zijn Denkgeest zijn mijn gedachten de Zijne en Zijn gedachten de mijne. (Wd1.h1.59:5)

Niets meer

Niets minder

Niets

In de wetenschap dat in de duisternis van het aardse bestaan één allesdoordringende hemelse lichtflits genoeg is om het denken te splijten tot Niets, richten de pelgrims hun gedachten en schreden op de wijsheid die oneindig veel groter is dan zijzelf.

En terwijl de avond valt, overvalt hem het gevoel van dankbaarheid voor het contact dat er tussen de water-landers is. Met rasse schreden nadert de nacht die deze keer voor hem niet droomloos zal verlopen. En ergens in de verte klinkt de stem van afstemming.

In het opbloeien van de nieuwe dag komt Jerfaas bij bewustzijn en hij ziet de droom die in zijn ‘blikveld’ voorbij komt. En als de ochtend goed en wel op gang is gekomen, klinkt het: Goedemorgen ‘all inclusive’ Tetty. Hier is Jerfaas weer, hoewel Jan en zijn regiment natuurlijk ook hun medewerking geven. Wij allen hopen dat je deze ietwat dualistische manier van weergeven nog even kunt verdragen. Zolang ‘ík’ niet weet wie ik ben, of hoe ik het bewustzijn wat ik voel moet benoemen, is dat toch oké? Want ‘ik ben’ en iedere andere identiteit roept een innerlijk reactie op. Maar laat ik je de droom vertellen waarmee ik wakker ben geworden.

 ‘De kiosk’ 

Op dezelfde heuvel aan de bosrand waar eerst de bunker stond, is nu een ronde kiosk geplaatst. Roze en wit gekleurd met een puntdakje en in het midden bovenop een rood hart. De kiosk is aan alle kanten open en Jan staat erin en deelt marsepeinen snoepjes uit aan mensen van alle leeftijden;  kinderen en bejaarden, en noem maar op. En die snoepjes hebben de vorm van een mondje wat een kusje geeft. Dus eigenlijk de vorm van twee lipjes.

Vind je het niet schattig? Een oude man van bijna 66 wordt wakker met zo’n droom?

Ja, dat is wel een hele mooie droom. En dat je deze droom op Sinterklaasdag krijgt, verbaast mij niets. Ik weet wel dat jij een Goed Heilig Man bent. Ja, wie zoet is krijgt lekkers. 

Alsjeblieft Tetty, vanuit mijn kiosk geef ik je een grote puntzak marsepeinen kusjes. Ze zijn licht verteerbaar. 

Nou, het is dat mijn hart open is, maar anders zou het hierdoor opengaan. Het is zogezegd het toppunt op de droom. Maar dat kan natuurlijk ook niet anders, als je bedenkt dat het dakje op de kiosk de vorm van een toppunt met een hart heeft. 

En je hebt goed aangevoeld dat ik iets licht verteerbaars nodig heb. Want ook al zijn de blaadjes van de plant ‘Tetty’ altijd naar de Zon gericht, ze hangen toch nog wel wat slap. Ik zit in alle opzichten in een overgangsperiode, wat ik via mijn dromen ook al genoemd heb, en dit uit zich ook in fysieke symptomen. Het lichaam lijkt energetisch opnieuw afgestemd te moeten worden op een ander trillingsniveau. En op dit moment is het nog zoeken naar de juiste balans, ook wat betreft mijn voeding en eetpatroon. Ik verdraag nauwelijks iets en eet heel basic. Ik kan mij niet herinneren dat ik ooit een Sinterklaastijd heb gehad zoals nu, zonder lekkers en met name zonder marsepein. Je begrijpt nu misschien des te beter hoe welkom die licht verteerbare marsepein is. HEER-lijk! We zijn goed afgestemd, JJ. 

Toch tuning?

Ja, voor mij is dat al vanaf onze eerste ontmoeting zonder vraagteken, ook al zou het misschien wel eens kunnen lijken dat er wat ruis op de lijn zit. Maar diep van binnen…maar dat heb ik jou al verteld naar aanleiding van de Ontmoetingsdroom waar ik jou geestelijk Thuis een bezoek heb gebracht. En als ik dan nu naar die grote puntzak kusjes kijk, dan kan ik niet anders zeggen, om met Judy Garland te spreken:  

For it was not into my ear you whispered,

but into my heart.

It was not my lips you kissed,

but my soul. 

HARTelijk dank, JJ. Met deze puntzak onder handbereik kom ik deze pelgrimse dagreis wel door. En dan wil ik jou ook wat geven. De spreuk van de dag waar mijn dag mee begon is:  

Een innige omhelzing is als een stukje Hemel op aarde. 

Vervolgens lees ik in de krant de column van vandaag en die gaat over een innige omhelzing. Nu zegt men dat alle goede dingen in drieën bestaan, en die Heilige Drieëenheid wil ik natuurlijk niet tekort doen. Dus daarom…alsjeblieft….een innerlijke omhelzing…en als het weer zover is…een fijne nacht in Dreamland, Jan Jerfaas. 

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 058 - De kiosk | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – Woonkamer van Eenheid

De belofte ‘Zalig zijn de reinen van hart; want zij zullen God zien’, blijft in de pelgrims weerklinken terwijl ze de reis voortzetten om de afstand af te leggen tot er geen afstand meer zal zijn. Omdat er geen werkelijke afstand is. Maar tot die tijd van eenheid…brengt het JJ ertoe te zeggen:

Zoals Helen Schucman het kanaal is geweest waardoor informatie, in de vorm van de Cursus, tot ons is gebracht, zo las ik ‘De Christus Brieven’ die volledig op internet staan, maar ook in boekvorm zijn uitgekomen. Ze hebben de reputatie enkele jaren geleden ‘in de geest’ te zijn ontvangen door een hoogbejaarde dame uit Zuid-Afrika, die daar gedurende 40 jaar op voorbereid is om deze teksten van de Christusenergie te ontvangen.

Persoonlijk stel ik me voor dat men daarvoor een hoge mate van zuiverheid dient te hebben. Het ego zal waarschijnlijk volledig opgelost moeten zijn, zodat alleen nog serene gewaarwording over is. Om het voorbeeld van Tolle te gebruiken: De Woonkamer van de Geest dient ontdaan te zijn van overtollige personen, meubels, aandenkens, en dwarrelend stof. Alleen een Altaar en de hoogstnodige primaire zaken staan erin.

Ja, en terwijl je als verlichte geest niet van de wereld bent, kun je toch gewoon in de wereld van personen, meubels, aandenkens en dwarrelend stof zijn. Omdat er geen enkele gehechtheid is, kun je het nemen zoals het is en er onvoorwaardelijk van genieten zonder er mee samen te vallen.

Zo ziet Jerfaas ook dat de woonkamer uit de droom van Tetty, waar ze Jan en zijn moeder ontmoette, de Woonkamer van de Geest is. Daar waar alleen openheid is, waar zonder enige terughoudendheid wordt gecommuniceerd. Niets kan ook verborgen blijven, want alles wat in wezen geen Liefde is, bestaat in werkelijkheid niet en zal eenvoudigweg verdwijnen zodra men daar binnenkomt. Het zal zijn zoals de hogere sferen in het Hiernamaals. Er zijn individuele geesten, maar vanwege hun hoge liefdesniveau zonder de geringste afscheidingswens zijn ze één.

En zo is het. Amen. 

Het eerder genomen ‘de weg samen gaan’ heeft betrekking op het betreden van die woonkamer, Tetty. Dat is oefenen in die eenheid en het afleggen van het menselijke ego. Zo heeft ‘de weg samen gaan’ ook niets te maken met een één op één verhouding, al kan dat even zo lijken. De Cursus noemt dat een ‘speciale relatie’, en die zal altijd tijdelijk zijn.

De Cursus zegt: Want een onheilige relatie is gebaseerd op verschillen, waarbij ieder denkt dat de ander heeft wat hij zelf ontbeert. Ze komen samen om zichzelf compleet te maken en de ander te beroven. (T22.Inl.2:5)  

Zo’n relatie wordt dus altijd vanuit het ego aangegaan. Onbewust en afgescheiden van Gods Liefde in jezelf denk je een ander of een partner nodig te hebben die met zijn of haar liefde en aandacht jou moet geven wat jij jezelf niet geeft. Zo hoop je dat iemand het gevoel van leegte en gemis in jezelf vult en je bevestigt in je waarde. Heel herkenbaar. Zo heb ik ooit als ‘Verdwaald verlangen’, de titel van mijn boek, rondgelopen. 

En over een heilige relatie zegt de Cursus:

Een heilige relatie vertrekt van een ander uitgangspunt. Ieder heeft naar binnen gekeken en daar geen gemis gezien. Aangezien hij zijn compleetheid aanvaardt, wil hij die uitbreiden door zich met een ander te verbinden, die heel is zoals hij. Hij ziet tussen deze zelven geen verschil, want verschillen zijn alleen eigen aan het lichaam. Daarom ziet hij niets wat hij weg zou willen nemen. Hij ontkent zijn eigen werkelijkheid niet, omdat die de waarheid is. Hij bevindt zich vlak onder de Hemel, maar voldoende dichtbij om niet naar de aarde terug te keren. Want deze relatie bezit hemelse Heiligheid. Hoe ver van huis kan een relatie zijn die zo op de Hemel lijkt? 

Bedenk eens wat een heilige relatie kan onderwijzen! Hier wordt de overtuiging ongedaan gemaakt dat er verschillen zijn. Hier wordt het geloof in verschillen omgezet in geloof in gelijkheid. En hier wordt het zien van verschillen tot visie getransformeerd. Nu kan de rede jou en je broeder voeren tot de logische conclusie van jullie verbondenheid. Die breidt zich onvermijdelijk uit, zoals jij je hebt uitgebreid toen jij en hij je met elkaar verbonden. Ze reikt onvermijdelijk voorbij zichzelf, zoals jij voorbij het lichaam hebt gereikt om jou en je broeder verbonden te laten worden. En nu breidt de gelijkheid die jij gezien hebt zich uit, en neemt uiteindelijk alle besef van verschillen weg, zodat de onderliggende gelijkheid geheel zichtbaar wordt. Dit is de gouden cirkel waar jij de Zoon van God herkent. Want wat in een heilige relatie ontstaat, kan nooit eindigen. (T22.Inl.3-4) 

De ‘Heilige relatie’ voert naar de eenheid met al wat leeft, met God. 

Maar hoe kun je oefenen in de eenheid? Eenheid is alles wat er is. Eenheid IS. Jij Bent Eenheid. Daar valt toch niet in te oefenen? Is het niet zo, dat alleen een persoon het idee kan hebben dat er geoefend moet worden? Een idee waarmee je jezelf buiten de eenheid plaatst en dat als zodanig ook beleefd. Het enige waarin geoefend kan worden is het idee loslaten dat er iets te oefenen valt. Als er geen gehechtheid is aan het ego, kun je alles gewoon laten zijn zoals het is. Dan hoeft er ook niets afgelegd te worden. Dan Ben je.  

Zie jezelf in de eenheid als deel van de eenheid. Je kunt niet oefenen in wat je al bent. Dat wat jou de eenheid niet laat voelen ben jijzelf als persoon. Je kunt niets doen om te worden wat je al bent. Het enige wat je kunt doen is steeds weer onderkennen dat je het al bent en dat inzicht diep in je door laten dringen. Ga uit van de eenheid die je bent en ga niet uit van de eenheid die je moet worden. Denk met God. Dat is de omslag in waarneming.  

Dan moet ik denken aan wat er in de Cursus staat bij les 51: Deze gedachten betekenen niets.

De gedachten waarvan ik mij bewust ben, betekenen niets omdat ik probeer te denken zonder God. Wat ik ‘mijn’ gedachten noem, zijn niet mijn werkelijke gedachten. Mijn werkelijke gedachten zijn de gedachten die ik denk met God. Ik ben ze me niet bewust, omdat ik mijn gedachten hun plaats heb laten innemen. Ik ben bereid te erkennen dat mijn gedachten niets betekenen en bereid ze los te laten. Ik besluit ze te laten vervangen door wat zij vervangen wilden. Mijn gedachten zijn zonder betekenis, maar heel de schepping is aanwezig in de gedachten die ik denk met God. (Wd1.h1.51:4)

Die eenheid heb ik ervaren tijdens mijn BDE en na mijn Godsherinnering. Soms iets verdund, maar altijd aanwezig. En als je het voelt, heb je in feite vanuit je Zelf een heilige relatie met iedereen. Dat het als zodanig niet onderkend wordt door de ander doet aan je eigen gevoel niets af. Maar soms kan het zijn dat je iemand ontmoet waarin het wederzijds herkend en beantwoord wordt. Ja, dan kan er iets gebeuren dat de zaak als het ware omhoog tilt. 

Hoe dan ook, sommige relaties kunnen vanuit ons menszijn misschien niet perfect lijken, maar vanuit een geestelijk perspectief zijn alle relaties heilig. Iedere relatie biedt de mogelijkheid om te groeien in liefde en wijsheid en biedt een deur tot het goddelijke. 

Ja, ‘Gods zoon’ is aanwezig in vele miljarden vormen. En iedere identificatie met welk zogenaamd eigen lichaam/persoon dan ook is een ontkenning van die eenheid. Het lichaam verdwijnt als sneeuw voor de zon en veranderd per seconde, met inbegrip van de emoties en gedachten. Wij zijn de Woonkamer en onze zogenaamde huidige persoonlijkheden acteren daarin.

Wij zijn de spelers in het toneelstukje in mijn droom ‘De nieuwe school’.

In de Ontmoetingsdroom betrad Tetty de woonkamer van Jan. Er was begeleiding aanwezig. De vraag is of Jan ook haar woonkamer zal betreden.

Ja, dat is aan jou. Als dat de bedoeling is, zul je de begeleiding voelen. De begeleiding is er altijd. Of je het nu voelt of niet. Aan de andere kant is het zo dat er geen mijn of jouw woonkamer is. Er is slechts één woonkamer, waar we één zijn omdat we ÉÉN zijn. 

Wordt de Tussendeur geopend?

Er is geen tussendeur. Alleen als jij denkt dat die er is, zal hij er zijn. 

Kunnen ze één van Geest zijn? 

We zijn al één van Geest. Maar zolang jij je afvraagt of je het kunt? Waarom verloopt het contact tussen ons zoals het verloopt? Waarom gaan wij deze weg samen? Het is allemaal al gaande. Dit is allemaal onderdeel daarvan. De Geest stelt geen voorwaarden waaraan eerst voldaan moet worden om één te zijn. Dat voel je in je hart. De enige die mogelijk voorwaarden stelt om te komen tot, ben jezelf. Als je mogelijk een te vastomlijnd idee hebt van hoe eenheid er volgens bepaalde ‘regels’ uit moet zien en hoe je daar moet komen, en dat niet als zodanig ingevuld ziet, kan het zijn dat, als er net iets buiten dat lijntje valt, de eenheid je ontgaat terwijl die er is.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 057 - Woonkamer van Eenheid | Leave a comment