Welkom op het Pelgrimspad

Voor het volgen van het Pad…begin bij Begin…
en stap het volgende hoofdstuk in…

Posted in Welkom! | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De Grote Sprong

OLYMPUS DIGITAL CAMERAStaande voor de deur, het symbool van overgang, spreekt het blauwe boek de pelgrim, die de naam Tetty draagt, bemoedigend toe. 

Gods plan voor jouw verlossing kan veranderen noch falen. Wees dankbaar dat het precies zo blijft als Hij het ontworpen heeft. Onveranderlijk staat het voor je als een open deur, roept het jou vanachter de deuropening een warm welkom toe en nodigt je uit binnen te komen en je thuis te voelen waar jij thuishoort.(Wd1.122.5:1-3) 

Jij kunt niet falen vandaag. De Geest die de Hemel je gezonden heeft, vergezelt jou, opdat je deze deur op een dag mag naderen en er met Zijn hulp moeiteloos door mag glippen, het licht tegemoet. Vandaag is die dag aangebroken. Vandaag komt God Zijn aloude belofte na aan Zijn heilige Zoon, zoals ook Zijn Zoon zich zijn belofte aan Hem herinnert. Dit is een dag van vreugde, want we bereiken de afgesproken tijd en plaats waar jij het doel zult vinden van al je zoektochten hier en al het zoeken van de wereld, dat tegelijk zal eindigen als jij de deur doorgaat.(Wd1.131.14:1-5) 

Steek je hand uit en zie hoe makkelijk de deur openzwaait louter door jouw ene voornemen om te gaan naar wat daarachter ligt. Engelen verlichten de weg, zodat alle duisternis verdwijnt en jij in een licht staat zo helder en duidelijk, dat jij alle dingen die je ziet kunt begrijpen. Een kort ogenblik van verrassing zal je misschien doen stilstaan, voordat je beseft dat de wereld die je voor je in het licht ziet, de waarheid weerspiegelt die je kende, en die je afdwalend in dromen niet helemaal vergeten was.(Wd1.131.13:1-3) 

Deze pelgrim is de confrontatie aangegaan en het bracht haar diep binnenin op de grens. Daar heeft ze de Wachter op de Drempel ontmoet, die ze herkende toen ze, vlak voor De Grote Sprong, las in en over ´De grote sprong´. 

De Wachter op de Drempel verschijnt overal waar mensen op het punt staan een nieuwe werkelijkheid te betreden. Hij is de poortwachter die het wachtwoord vraagt en die toetst op waarachtigheid. Het is een archetypische gestalte die bestaat zolang er mensen zijn die het pad van inwijding volgen. Voor ieder mens bestaat er een poort, een mogelijkheid, die naar de essentie van het bestaan leidt. 

De Wachter op de Drempel is de gestalte die je in tijden van crisis tegenkomt aan de grens van het nieuwe gebied dat je wenst te betreden en die je vraagt het offer te brengen dat daarvoor nodig is. Op deze gestalte projecteert de persoonlijkheid al haar weerstand om dat noodzakelijke offer niet te hoeven brengen. 

De Wachter op de Drempel is herkend. Het sleutelwoord is gevonden. Het is ‘afhankelijkheid’. Ze moest al het ‘persoonlijke’ opgeven. 

‘Mijn enige functie is die welke God mij gaf’ biedt je de ontsnapping uit al je vermeende moeilijkheden. Het legt de sleutel van de deur naar vrede, die jij voor jezelf gesloten hebt, in jouw eigen handen. Het geeft jou het antwoord op al het zoeken dat je sinds het begin der tijden hebt verricht.(Wd1.65.3:2-4)  

Ik ben zoals God mij geschapen heeft. Laten we deze waarheid verkondigen zo vaak we kunnen. Dit is het Woord van God dat jou vrijmaakt. Dit is de sleutel die de poort van de Hemel opent en jou binnen laat in de vrede van God en Zijn eeuwigheid.(Wd1.110.11:4-7) 

De pelgrim moest alles loslaten en in totale overgave in het diepe springen. En toen ze sprong is ze Boven gekomen. In Gods Liefdevolle omhelzing is de Wachter op de Drempel gepasseerd. God is haar genadig geweest. 

Springen doe je alleen. De illusie van het geïsoleerde ‘ik’ kun je niet samen met anderen opgeven. Je gaat alleen, juist omdat je je geïsoleerd-zijn verlaat. Je gaat door je eigen afgescheidenheid heen. Dat is je weg. Natuurlijk is het mogelijk, en zelfs heel waarschijnlijk, dat je vrienden en geliefden ook zo’n weg gaan. Daarover wissel je uit en zo help je elkaar en steun je elkaar, voor zover een mens een ander mens kan steunen. Maar je weerstand, je wachter, kom je alleen tegen. Dat is niet de wachter van de ander. Dat ben jij, zoals je meende dat je was. 

Inwijding komt als je de leegte niet meer tracht te vullen met de structuren van je persoonlijkheid. We maken de sprong samen en hebben de sprong samen gemaakt, maar springen doe je alleen. Neerkomend merk je dat je hand in hand staat. Zoals ‘het beeld’ dat JJ ooit in gedachten zag: Liefst hand in hand, van hart tot hart en als één ziel baden in een oceaan van Licht en Liefde. 

Zij die de naam Tetty, ‘Gewijd aan God’, draagt, heeft de Genade ontvangen door hem die de naam Jan, ‘God is genadig’, draagt. God heeft hem niet voor niets aan haar zijde geplaatst. Al die tijd heeft de Genade naast haar gezeten en naast haar gelopen, maar ze kon het niet ontvangen omdat er nog iets van haarzelf tussenstond. En dat werd ook door hem zichtbaar gemaakt, omdat hij niet alleen de Genade vertegenwoordigt, maar als persoon ook ‘de persoon’ laat zien. 

Alles wat zich samenbalde tijdens de laatste pelgrimsontmoeting heeft de perfecte mogelijkheid geboden en gegeven om de Wachter te kunnen passeren. Dit alles betekent niet dat het altijd zo heftig moet gaan en zo zal gaan, maar voor dit moment was het allemaal nodig.

Drie dagen lang is er innerlijk veel werk verricht om door de afgescheidenheid heen te gaan. Aan het eind van die drie dagen kreeg zij het boekje ´Verlichting voor luie mensen´ van Paul Smit in handen. Twee keer eerder had ze ermee in handen gestaan, en beide keren dacht ze: Ach, laat maar, het voegt niets toe aan de non-duale boeken die al in de kast staan, waaronder ook boeken van Paul Smit. Maar nu ze voor de derde keer met dit boekje in handen stond, en alle goede dingen zoals bekend in drieën bestaan, besloot ze het toch te kopen. Zo’n superdun boekje was nog wel te doen, vond ze. 

’s Avonds heeft ze het in één keer gelezen en alles herkende ze natuurlijk, omdat er feitelijk niets nieuws in staat en omdat het tussen de pelgrims ook allemaal aan de orde is geweest. Maar ze las ook dingen die weliswaar confronterend overkwamen, maar die ze nu beter begreep. Er stonden ook dingen geschreven die de medepelgrim al eens had verteld en had geprobeerd uit te leggen. Met grote helderheid zag ze nu hoe het zat en ze begreep ook dat ze de andere pelgrim niet altijd goed had begrepen als hij over bepaalde dingen sprak, zoals bijvoorbeeld over ‘de vrije wil’. En ze realiseerde zich ook dat ze niet altijd goed geluisterd had, omdat de ‘persoon’ ertussen zat.

Al met al vormde dit het sluitstuk van de driedaagse inwijding waarover nog veel meer te zeggen zou zijn. Wat dat betreft heeft het elfje slechts wat dingen ´aangestipt´, Paulus. En de pelgrim zou daar graag met de medepelgrim in alle Rust, Vrede en Stilte verder over willen praten. Over hoe ze het loslaten, het onthechten, de overgave beleefd heeft, over De Grote Sprong, de Vrouw van Lot, de Wachter op de Drempel, het sleutelwoord, de Wachtkamer-droom, over woorden uit het oranje boek en het blauwe boek en de ‘Verlichting voor luie mensen’. Want door haar heen stroomt het door.

Terugkijkend op de vraag: ‘Worden de kaarten voor de wereld door Jezus geschud?’ en het antwoord:En de Jesu Carta Mundi kon wel eens de geestelijke wereldkaart zijn waarmee pelgrims hun bestemming bereiken’, ziet de pelgrim dit alles op de wijze zoals ‘Verlichting voor luie mensen’ eindigt: Bewustzijn is de reisleider en jij als genodigde kunt volop gaan genieten van de reis die bewustzijn voor jou ´uitstippelt´. 

En dit alles in Liefde waarin alles verschijnt.

Deze pelgrim ziet een stralende lichtboog naar de andere oever.

Deze pelgrim ziet eenzelfde oever om op te trekken.

Deze pelgrim ziet een rivier die de pelgrims niet uit elkaar drijft, maar de pelgrims bij-één drijft… 

…in Gods Hand…

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 191 - De Grote Sprong | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – Jesu Carta Mundi

ineens is het avond geworden

en voordat het einde van de dag zal vallen

zitten de pelgrims ieder voor zich

zwijgend op de plek waar ze zich bevinden

het ritme van hun gezamenlijke stap is uit de maat gelopen

boven hen welft de hemel in zwart fluweel

bezaaid met duizenden flonkerende sterren

in de stilte wordt haar stem hoorbaar

die verhaalt over datgene

wat via het duifje is overgebriefd

Dierbare medepelgrim,

Deze pelgrim heeft, vanaf het moment dat de deur achter de andere pelgrim zich sloot, in Stilte niet stil gezeten en is verder gegaan. Achteraf gezien is het een drie dagen durende inwijding geweest. Kijkend, lezend en luisterend naar wat er tijdens de afgelopen pelgrimsreis op haar pad is gekomen en wat er in deze drie dagen op velerlei wijze in woord en droom op haar pad is gekomen. Vele tekenen zijn haar toegevallen, die haar de richting wijzen en die ze heeft kunnen verstaan. Alle patronen zijn gezien, doorzien, en er is voorbij alles gezien.

Het is een diepgaand innerlijk proces geweest, waarin bleek dat alles wat zich tijdens de pelgrimsreis heeft afgespeeld puzzelstukjes zijn geweest die nu op wonderbaarlijke wijze op hun plek zijn gevallen. Met een lach en menige traan is alles in Liefde en Vrede ontvangen. Alles wat gebeurd is, is haar gegeven als een antwoord op haar vraag: Help mij, om de Liefde die Ik Ben te Leven en te Zijn. 

Al geruime tijd draagt zij de nachtelijke boodschap met zich mee, die de andere pelgrim zich misschien nog kan herinneren. Een boodschap die zij, zo werd haar te verstaan gegeven, goed onthouden moest, dan wel meteen diende op te schrijven. De boodschap luidt: Jesu Carta Mundi. Meteen na het ontvangen van de boodschap werd zij wakker en ze vroeg zich af wat dit te betekenen heeft. De gedachte kwam dat Mundi iets met wereld te maken heeft. Het bleek dat Carta Mundi Latijn is voor ‘kaarten voor de wereld’. Ze vroeg zich toen af: Kunnen we in Jezus de kaarten voor de wereld ‘zien’? Dient er met of door Jezus iets in kaart gebracht te worden voor de wereld? Worden de kaarten voor de wereld door Jezus geschud?

Waarop de andere pelgrim destijds antwoordde: ‘De Jesu Carta Mundi kan wel eens de geestelijke wereldkaart zijn waarmee pelgrims hun bestemming kunnen bereiken. De Cursus is in wezen zo iets, geen studieboek maar een reisgids door een wereld waarin iedereen steeds meer op elkaar gaat lijken in hun gedrag. Allerlei cultuur-uitingen gaan de hele wereld over. Overal zie je mensen steeds meer dezelfde dingen doen en nastreven. Een pelgrim stopt daarmee, stapt er uit, wordt een cultuurbarbaar en kijkt meer naar binnen dan naar buiten. Tot hij beseft dat hij buiten zich alleen dat ziet wat hij van waarde vindt, en dan niet alleen vanuit een bewuste keuze maar ook van keuzes uit een soort verleden wat hij niet (meer) weet. Nu dromen we nog binnen een andere droom. Laten we hopen snel en voorgoed gewekt te worden en volledig ontwaakt het pelgrimskleed af te kunnen leggen.’

Hoe het ook zij, ‘Niet mijn wil, maar Uw Wil geschiede’ is geschied. De Carta Mundi zijn geschud ten behoeve van de Jesu Carta Mundi. Zij wordt gebaad in Liefde bij dag en bij nacht door ‘Hij die naast haar gaat en die haar leidt’, en die zij Is.

De kaarten van de wereld zijn geschud en zoals het eruit zag was het een heftig schudden, zeker de laatste tijd in de ontmoetingen met de medepelgrim. Maar dat leek alleen maar zo vanuit het oogpunt van de persoon. In het licht van bewustzijn is er alleen maar gebeurd wat moest gebeuren. Dit is Het Pad en alles wat daar gebeurd is, is haar gegeven om te ‘entwerden’, om door de ‘persoon’ heen te zien, om de identificatie met de ‘persoon’ volledig los te laten en voorbij de ‘persoon’ te gaan, om Bewustzijn te ervaren en te Zijn. 

Het moest er heftig aan toe gaan om wakker geschud te worden voor het oplossen van het laatste restje ego. Vanuit de persoon gezien is het niet fijn en niet vredig in hoe het er onderling aan toeging; je wilt het niet, je wilt de ander niets aandoen, je wilt niet dat er emoties opspelen en noem maar op. Omdat je weet dat je dat allemaal niet bent. Toch gebeurt het en zonder identificatie zie je wat er gebeurt.

Je ziet door alles wat er gebeurt dat het een kant uitgaat waarvan je niet wilt dat het die kant uitgaat, het gaat je aan het hart wat er gebeurt, je wilt er een andere wending aan geven, maar vanuit welke invalshoek je het ook doet, het blijft die kant uitgaan. Je voelt dat het letterlijk en figuurlijk tot verlies van de ‘persoon’ zou kunnen leiden en alles liever dan dat, want je houdt ook van die ‘persoon’. Maar het manifesteert zich allemaal, omdat het niet anders kan, omdat alles wat er onderling gebeurt, hoe donker het ook mag lijken, alleen maar bedoeld is om te verlichten.  

Terwijl je het gevoel hebt dat je elkaar niet kunt bereiken, wil je je liever terugtrekken op je eigen oever omdat je niet wilt dat jouw aanwezigheid bij de ander irritatie, onvrede of wat dan ook oproept. Terwijl dat wat er gebeurt niets anders is dan je eigen projectie waarmee je geconfronteerd wordt en waarmee je de confrontatie aan moet gaan. 

Hier staat jouw broeder met de sleutel van de Hemel in zijn hand, die hij jou aanreikt. Laat niet de droom van speciaalheid tussen jullie in blijven staan. Wat één is, is in waarheid verbonden.(T.24.7:6-8) 

Nu is deze pelgrim op het punt gekomen waarover M.E. eerder sprak: U zult bereid moeten zijn om alle in uw leven verzamelde ideeën en concepten prijs te geven en dat is soms ingrijpender dan psychoanalyse. Het betekent een volstrekte kaalslag van uw persoonlijkheid.(92-Lang leve oranje)

Herinnert de andere pelgrim zich nog wat Tetty daar destijds op antwoordde?

‘Ah, dat laatste komt Tetty wel heel bekend voor? Die ervaring heeft ze al een keer beleefd. Het Verlichte Leven dat ze daardoor drie dagen leefde en wat daarna enigszins wegebde, komt nu ongetwijfeld met de naderende vloed van de oceaan. Het pelgrimspad doet het getijde keren. Ze heeft het gevoel dat iedere stap in de afgelopen jaren haar voor de drempel van de Hemelpoort heeft gebracht, waar ze tijdens haar BDE ook stond. Ze hoeft slechts één stap te zetten en het ego dat na al die jaren nog in verdunde versie aanwezig is geweest, zal overspoeld worden door de Oceaan van Liefde die het in zich opneemt.’  

Deze pelgrim heeft toen ook gezegd dat zij zichzelf terugvindt aan de drempel naar de eeuwigheid en dat ze, om daar binnen te treden, bij de ingang nog ‘iets’ van haar ‘ik’ moet inleveren om tot overgave te komen. Het sluiten van de uiterlijke deur achter de andere pelgrim heeft haar nu gebracht op het punt waar de innerlijke deur zich kan openen. Het punt waar de Reis voorbij Woorden ook van spreekt.

 Als jij daar bent geland,

zal jij je zelf aan de drempel naar de eeuwigheid terug vinden.

De deur staat op een kiertje en opent zich door jouw aanraking.

Het kost geen moeite om de deur naar jouw ware Zelf,

de deur naar de eeuwigheid te openen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

das Licht leuchtet in der Finsternis

und die Finsternis hat es nicht erfasst

(Meister Eckhart)

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 190 - Jesu Carta Mundi | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De eenzame pelgrim

De rivier stroomt en op beide oevers loopt een pelgrim eenzaam voort, zo is zijn beleving. Ze lopen in dezelfde richting, en dat is stroomopwaarts in de richting van de bron. Het lijkt of de rivier de laatste dagen veel breder is dan voorheen. Eerder konden ze regelmatig samen op eenzelfde oever optrekken en wanneer ze op hun eigen oever verbleven, dan waren er de duifjes die via de lichtboog pijlsnel heen en weer vlogen om berichtjes te brengen. Maar de lichtboog is verwaaid en tot een labyrinth geworden en de rivier lijkt nu onoverbrugbaar.

DSC_0050

De rivier is het leven van de mens en aan de oppervlakte toont zich de psyche, dat waar de mens zich mee vereenzelvigt, zijn gedachten en emoties. En die rivier kan een woeste stroom zijn met draaikolken en stroomversnellingen. Het is mogelijk dat het oppervlak glad is, maar dieper gelegen objecten zorgen er vaak voor dat het water anders gaat stromen en het gladde oppervlak verstoord wordt. Die dieper gelegen objecten zijn veelal niet zichtbaar, ook niet voor de rivier zelf. Toch zullen de pelgrims elkaar weer ontmoeten, in het uiterste geval bij de bron, daar waar de beide oevers uiteindelijk samenkomen.

DSC_0049Wat is er toch gebeurd dat de rivier de pelgrims uit elkaar dreef? De ene pelgrim weet het niet. Nu kan hij wel menen dat het veroorzaakt werd doordat de andere pelgrim regelmatig niet in vrede was, maar mogelijk was het zijn eigen projectie in het manifeste. Maar stel dat de andere pelgrim inderdaad regelmatig in onvrede viel, waardoor werd dat veroorzaakt? Hij weet het niet.

Was het omdat zijn Cursus citaten haar irriteerden? Of vond zij dat haar meningen, die zij oprecht als inzichten beschouwt, te weinig door hem werden geaccepteerd? Maar waarom dan die heftige reacties, waarbij de lieve oogjes plotseling vurig werden en het welbespraakte mondje als bij toverslag tot een dunne streep werd. Hoe is dat toch allemaal mogelijk. Uiteindelijk zijn alle inzichten en overtuigingen, meningen en concepten, louter gedachten. En die komen en gaan. Dat is te zien door eenieder die zijn ‘observer’ heeft gevonden. Het zijn geen ervaringen pur sang, hoewel over ervaringen later wel gedachten kunnen komen. Maar achter de gedachten ligt de Leegte, de Liefde, en daarin verschijnt alles. Dus wat claimen we van alles wat er verschijnt? Want dat is wat er gebeurt.

De ene pelgrim weet het niet, hij neemt via Jerfaas waar wat er zo door de jantjes wordt vernomen. En die jantjes, of minstens een aantal ervan, vormen grotendeels de ene pelgrim. Ze willen rust, ze menen dat het heel moeilijk is om met de andere pelgrim hun gedachten te delen wanneer dat tot onvrede leidt. En die onvrede geeft de jantjes, de persoon, een onbehaaglijk gevoel. Ze zien een andere persoon die boos gedrag vertoont, maar zich dat kennelijk niet realiseert. Uiteindelijk is alles een les die God de mens graag ziet leren en zijn die waarnemingen daar onderdeel van. Waarom de twee pelgrims elkaar in dit leven weer moesten ontmoeten, zal ook een les zijn. Mogelijk was het Pad van de Pelgrims de hele les. Misschien komt er een volgende les. De ene pelgrim legt het in Gods hand. Voor zover hij nog iets van toekomstverwachting heeft, gaat dat gepaard met het onstuitbare verlangen naar Vrede en Rust en Stilte. Hij hult zich daarom nu weer volledig in stilte.

Hecht je aan niets,

ook niet aan het verlangen naar Niets.

Bevrijding is niet de vervulling van het verlangen,

het is de realisatie dat bevrijding vrij van verlangen is.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 189 - De eenzame pelgrim | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De climax

Goedemorgen wakker Elfje, en mocht dat nog niet zo zijn, ´ontwaakt gij die slaapt en sta op uit de droom´. Na het krieken van deze dag en overlopend van dankbaarheid groet ik U.

Goedemorgen Paulus, er is niet iemand die ontwaakt, die iemand lost op, en wat is, en was, blijft. 

Na het betreden van de baardgraskapel laat het elfje er geen gras over groeien en valt vragenderwijs met de deur in huis.

Wat is je antwoord, JJ, na de ontvangst van het middernachtelijk TV programma? 

Tsja…ik heb de pennenvrucht tot mij genomen, maar inmiddels ook weer naast mij neergelegd, want ik kan mij er niet in vinden. Ach weet je, het is in feite ook niet belangrijk wat de jantjes uitspoken. Ze zijn slechts een illusie. Niet de moeite waard om daar veel woorden aan te wijden.

Maar jij schreef dat jij je niet goed voelde, en dat is al een tijd gaande, en dat jij je de dag doorgeworsteld had. Dat klinkt niet echt fijn.  

Het zijn van die muizenissen zonder betekenis. Ze komen voorbij en zijn altijd persoonsgericht, dus hoeven ze niet onder de microscoop gelegd te worden, ze verdampen vanzelf. De pelgrimstocht en de omstandigheden onderweg boeien JJ het meest.

Wat vertel je mij nou? Jij doet dit af als een ‘muizenis zonder betekenis’ die gewoon terzijde geschoven kan worden? Is dit juist ook niet een omstandigheid onderweg die jou iets te zeggen heeft? 

Ach, ik schreef zomaar wat. Dat is van de jantjes en dient niet serieus genomen te worden. Dat is niet iets wat verder ter sprake hoeft te komen.

Is dat zo?  

Ja.

De ogen van het elfje zijn tijdens de woordenwisseling groter dan groot geworden en haar mondje valt open van verbazing. Op de een of andere manier is dit de beekse druppel die de emmer doet overlopen.

Prima, dan hoef je wat mij betreft dit soort pelgrimspraat ook niet meer ten gehore te brengen. Als jij vertelt hoe het er bij jou voor staat, dan neem ik dat serieus. Als jij je niet goed voelt, gaat mij dat aan mijn hart. Als jij wat bij mij neerlegt, leg ik dat niet zomaar naast mij neer. Sinds onze gezamenlijke pelgrimstocht een aanvang heeft genomen, voel ik mij betrokken bij hoe jij je voelt en wat jou beweegt. Als het beekje niet vanzelfsprekend stroomt en troebel water laat zien, probeer ik of ik wat helderheid kan brengen.

Het is niet de eerste keer dat wanneer jij ergens mee geconfronteerd wordt, je het op deze wijze afdoet. Keer op keer val je in dezelfde herhaling als de jantjes opduiken, dus kennelijk heeft het jou toch wat te zeggen. Maar in plaats van dat het je door inzicht en bewustwording verder brengt, doe je het nonchalant met een achteloos gebaar af met: Ach…de nukken en grillen van de jantjes. Maar om alles wat er gebeurt simpelweg af te doen met: ´het is maar een illusie’… Zet je daarmee een schrede in de binnenwereld of doe je maar alsof? 

In alles ben ik een luisterend oor en probeer ik een inzichtgevende helpende hand te bieden. Als jij daar niets mee kunt, maakt mij dat niet uit. Dan is dat zo. Maar als jij vervolgens beweert dat het slechts een totaal niet belangrijke oprisping van de persoon is, die niet serieus genomen dient te worden, dan vraag ik mij af waar je mee bezig bent om mij die zogenaamde jantjes-onzin te willen blijven vertellen. Je neemt mij hierin niet serieus. Ik zit notabene tijd en energie te steken in wat voor jou van nul en generlei belang is. Ik lijk wel gek. Het voelt alsof er een spelletje met mij gespeeld wordt. Daar pas ik voor. 

Het elfje voelt een krachtig ‘nee’ tegen deze situatie. Hier wil ze niet langer voor gebruikt worden. Helder en duidelijk staat het inzicht haar voor ogen dat het niet anders kan of hier moet een punt achter gezet worden. Op deze manier wordt het Pad van de Pelgrims een never ending story, een gebed zonder eind. Aan de ene kant wil ze het dierbare bewustzijnssprookje met duizend-en-een woorden levend houden en vasthouden. Aan de andere kant voelt ze in zichzelf een losmakingsproces voltrekken waar ze nog geen woorden aan kan geven, maar wat haar innerlijk al doet opstaan en weglopen als sprookje uit het sprookje. Ze voelt dat alles er toe geleid heeft dat dit moet gebeuren, maar vooralsnog wil ze niet dat het gebeurt. Het ego wil zich op de valreep nog laten gelden.

De energie van dualiteit en eenheid strijden om voorrang. Hoe meer woorden ze spreekt, hoe meer ze zichzelf hoort spreken. Hoe meer ze zichzelf hoort spreken, hoe meer de stille leegte op de achtergrond haar vervult. Hoe meer ze zichzelf te kijk zet, hoe meer ze er dwars doorheen kijkt. Hoe meer ze de medepelgrim probeert te naderen, hoe meer ze zich van hem verwijderd voelt. Voorbij dit alles is de stilte voelbaar.

Wat valt er verder nog te zeggen? Is het niet zo dat de pelgrims alle woorden die gezegd moesten worden, gezegd hebben. Welke woorden uit het blauwe of oranje boek kunnen dit tij nog keren? Zijn ze nu aangekomen op het punt waarover JJ ooit hoopvol sprak toen hij zei: ‘De laatste Cursuslessen vormen een climax, in het optimale geval wordt de verlichting bereikt, oftewel de pelgrimsreis wordt naar gebed en wens beëindigd. In het NU is het stil en zijn geen woorden. Althans niet nodig, wanneer ze er zijn worden ze gezien of gehoord en in dat geval voor ‘kennisgeving’ aangenomen. Alles wat je ziet is wat jij bent, want God is overal en in alles aanwezig.’

In de stilte die voortduurt lijken de pelgrims op een doodstil punt aangekomen te zijn. Is de climax nu bereikt? Maar zo heeft TV zich dat niet voorgesteld. Tranen van onmacht, teleurstelling en woede, springen het elfje ondertussen in de ogen.

De boskabouter blijft het elfje aankijken. Hij vindt het niet fijn dat dit alles tranen en irritatie teweeg brengt. Hij wil niet dat het elfje door hem in onvrede valt. Ook al zegt de Cursus: Niets is zoals het zich aan jou voordoet. De heilige bedoeling ervan ligt achter jouw beperkte horizon, dit wat er nu gebeurt is niet wat hij wil en waar hij ook niet mee geconfronteerd wil worden. Hij heeft altijd gewenst en verlangd dat de pelgrims langs de meerdere leidraden die ze hanteren meer en meer op dezelfde manier gaan kijken, en een gemeenschappelijke staat van denken hebben, zoals de Heilige Relatie beoogt, maar daar lijkt vooralsnog geen zicht op. En ook al zegt de Cursus in hoofdstuk 22 dat binnen die gemeenschappelijke staat van denken beiden van harte vergissingen ter correctie geven, opdat beiden met vreugde als één worden genezen, dat gevoel heeft hij niet. De sprong in bewustzijn die hem Thuis zal brengen en die hij langs deze weg gezamenlijk met het elfje denkt te maken, lijkt zo niet van de grond te komen. Er rest hem niets anders dan resoluut op te staan en te zeggen: ‘Ik ga’.

Hij opent de deur van de baardgraskapel, kijkt nog één keer achterom en zegt: ‘Je bent nog niet van mij af’ en loopt naar buiten, het elfje verbijsterd, ontgoocheld en sprakeloos achterlatend. Met lede ogen kijkt het elfje toe hoe de uiterlijke deur zich achter Paulus sluit en ze voelt de leegte die hij achterlaat. Ze ziet de geliefde medepelgrim gaan en vraagt zich af of ze hem nog weer zal zien, terwijl ze innerlijk voelt dat het niet meer in deze hoedanigheid zal zijn. De gezamenlijke pelgrimstocht lijkt op abrupte wijze ten einde gekomen. In plaats van weg te dromen in het sprookjesbos gaapt voor haar een grote leegte. De TV uitzendingen met sprookjesbosnieuws zullen uit de ether genomen worden. Zullen de Oceandreamers ieder op hun eigen oever hun reis voortzetten? Daar wil ze nu nog niet aan. Ze houdt haar ogen gericht op de belofte die uit het blauwe boek tot haar spreekt.

Laten we dan samen onze ogen opslaan, niet in angst, maar in vertrouwen. En er zal in ons geen angst zijn, want in onze visie zullen er geen illusies zijn, alleen een pad naar de open poort van de Hemel, het huis dat we in stilte delen en waar we in zachtmoedigheid en in vrede, als één tezamen leven.(T.20.II.8: 11-12)

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 188 - De climax | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – Loslaten en overgave

Ter elfder ure krijgt het postduifje nog een vraag en antwoord heen en weertje, waarbij het antwoord ervoor zorgt dat het ganzenveertje van het elfje zich in beweging zet en hij rond middernacht nog een keer zijn vleugels kan spreiden om een lading woorden van elfse aard over te brengen.

JJ, met uw welnemen zou er nog iets gezegd kunnen worden over wat er door het denkbolletje te kijk is gezet. Is dat toegestaan?

Dat is toegestaan en wordt op prijs gesteld.

Het feit dat jantje-lijfje nog steeds opspeelt, zou er op kunnen duiden dat er voortduend discrepantie is tussen hoofd en buik, tussen denken en voelen. Als jij zegt dat jij jezelf puur op wilskracht de dag door geworsteld hebt, is de vraag: op wiens wilskracht? Het klinkt in dit geval op wilskracht van de persoon, het ego. Het liefst was je in bed gebleven, maar afspraak is afspraak volgens jou en andere geliefde personen weer zien en spreken, vind je toch ook wel verleidelijk.  

Maar wat als je in bed was gebleven en alles en iedereen had laten gaan? Dat zou een buitengewoon goede oefening in loslaten en overgave geweest zijn. Op die manier was de persoon die zo nodig van alles moet op basis van louter persoonlijke afspraken en persoonlijke verleiding een kopje kleiner gemaakt. Maar nee, alles en iedereen is belangrijker dan jezelf, je Zelf. Je doet jezelf geweld aan. Op deze manier, en dat is al eens eerder genoemd, ben je als het ware jezelf aan het afbreken. En dat is net een virus, dat vreet zich door alles heen. 

Dus ben je toch op pad gegaan, van hier naar daar, en weer verderop. 

Dit is niet de manier waarop de persoon zal opgaan in God. Dit is toekomen aan wat de persoon wil. Dit is de persoon in stand houden. Dit is niet het ontmantelen van de persoon door Uw wil geschiede, maar het bekleden van de persoon met wat hij wil dat geschiede. Het gaat er niet om wat jij wilt. Er wordt jou iets gevraagd. Het gaat erom dat datgene wat jij wilt uiteindelijk in het verlengde staat van datgene wat er gevraagd wordt. Wat wordt er gevraagd? Overgave. 

God vraagt iets aan jou en daarvoor gebruikt Hij het lichaam. God vraagt van jou overgave. En dit hele gebeuren had een oefening in overgave kunnen zijn. Jij denkt mogelijk dat wanneer jij in bed zou zijn gebleven, jij had toegegeven aan het lichaam, het ego. Maar juist door te gaan heb je toegegeven aan het ego. Wanneer jij in bed zou zijn gebleven, had je niet toegegeven aan het ego, maar juist overgave beoefend omdat je in dat geval niet tegemoet was gekomen aan wat het ego wil. Juist doordat je het ego bent tegemoetgekomen, bevestig je het ego. 

Je kijkt en ziet voortdurend hoe de persoon als het ware lijkt tegen te werken in plaats van dat je ziet hoe je de persoon kunt gebruiken om voor je te werken. Op het moment dat je dat wat de persoon laat zien ten dienste van je Zelf gebruikt, ontneem je de persoon steeds meer zijn werking en kom je tot je Zelf, tot je God-Zijn. 

Amen. 

Tot zover het TV programma in dit middernachtelijk uur. Nu gaat het elfje langzaamaan in het betoverende nachtlicht haar vleugeltjes vouwen. En de Flying Fairy wenst Zoals het water stroomt een Lichte nacht en weet dat over hem getrouw de wacht wordt gehouden.

DSC_7480

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 187 - Loslaten en overgave | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – Blauw gekleurde lessen

Voordat de dag het voor gezien houdt, krijgt het elfje via de postduif nog inzage in wat de kabouter vandaag te ‘zien’ kreeg.

Goedenavond Super TV, mag JJ uit de TV uitzending afleiden dat de nonduale staat is wedergekeerd? Het elfje ziet geen wereld van lijden, verlies en dood? Alleen kijkend met Gods gedachten ziet, hoort en voelt zij louter Vrede? Dat is geweldig.

JJ kan daar niet aan tippen, want het jantje-lijfje speelt nog steeds op en puur op wilskracht heeft hij zich de dag door geworsteld, althans enerzijds. Het liefst was hij in bed gebleven vandaag, maar afspraak is afspraak en andere geliefde personen weer zien en spreken, dat is toch ook wel verleidelijk. Dus toch op pad vandaag, van hier naar daar en weer verderop om de gulle kabouter te spelen en ondertussen zelf aardig mee te snoepen. Hoewel voorzichtig begonnen, bleek het lijfje toch redelijk mee te werken.

En dan de blauw gekleurde lessen van les 55, die zijn raak. In de les van heden ten dage wordt nu wat meer over ‘zien’ gesproken dan over gedachten. Maar uiteraard is het vrijwel hetzelfde.

Ik ben vastbesloten de dingen anders te zien.

Wat ik nu zie, zijn slechts de tekenen van ziekte, rampspoed en dood. Dit kan niet zijn wat God voor Zijn geliefde Zoon geschapen heeft. Alleen al het feit dat ik zulke dingen zie, is het bewijs dat ik God niet begrijp. Daarom begrijp ik ook Zijn Zoon niet. Wat ik zie, zegt mij dat ik niet weet wie ik ben. Ik ben vastbesloten de getuigen te zien van de waarheid in mij, in plaats van degene die mij een illusie van mezelf tonen. 

Hier kan JJ zich helemaal in vinden, hij is vastbesloten, want lichaam en wereld zien er uit zoals aangegeven.

Wat ik zie is een vorm van wraak.

De wereld die ik zie, is beslist niet de weergave van liefdevolle gedachten. Ze is er een beeld van hoe alles alles aanvalt. Ze is allesbehalve een weerspiegeling van de Liefde van God en de liefde van Zijn Zoon. Het zijn mijn eigen aanvalgedachten die dit beeld doen ontstaan. Mijn liefdevolle gedachten zullen mij verlossen van deze waarneming van de wereld, en mij de vrede geven die God voor mij heeft bestemd.  

Ook volledig mee eens, want JJ voelt geen pure liefe voor alles wat leeft, en diep, heel diep voelt hij ´vijandigheid´ naar iets in de wereld of mensen daarin. 

Ik kan aan deze wereld ontsnappen door aanvalgedachten op te geven.

Hierin, en in niets anders, ligt verlossing. Zonder aanvalgedachten zou ik geen wereld vol aanval kunnen zien. Wanneer vergeving mij weer bewust laat worden van liefde, zal ik een wereld zien van vrede, vreugde en veiligheid. En dít verkies ik te zien in plaats van datgene waar ik nu naar kijk.

JJ meent, hoopt in ieder geval, dat dit proces gaande is met behulp van Jerfaas.

Ik zie niet wat mijn hoogste belang is.

Hoe kan ik mijn hoogste belang onderkennen wanneer ik niet weet wie ik ben? Wat ik meen dat mijn hoogste belang is, kluistert me alleen maar meer aan de wereld van illusies. Ik ben bereid de Gids te volgen die God mij gegeven heeft om te ontdekken wat mijn hoogste belang is, omdat ik inzie dat ik dit niet uit mezelf kan zien. 

Klaarblijkelijk is dit ook waar, dus zal de Gids JJ moeten leiden, maar hij is bereid. 

Ik weet van niets waartoe het dient.

Voor mij is het doel van alles, te bewijzen dat mijn illusies omtrent mezelf werkelijkheid zijn. Voor dit doel probeer ik alles en iedereen te gebruiken. En hiertoe geloof ik ook dat de wereld dient. Daarom herken ik haar werkelijke doel niet. Het doel dat ik aan de wereld gegeven heb, heeft tot een angstaanjagend beeld van haar geleid. Laat ik mijn denkgeest openstellen voor het werkelijke doel van de wereld, door het doel dat ik haar heb verleend terug te nemen en de waarheid over haar te leren.

Hier worden de jantjes nog even op hun activiteiten gewezen en de waanzin daarvan. Laat de Waarheid maar komen en het bewustzijn van Jerfaas geheel vullen.

Dit is hoe de les van vandaag bij JJ is binnengekomen. Nog even daarover mijmeren, een borreltje en het kaboutertje gaat stippen tellen. Hopelijk is het lijfje morgen in zijn normale toestand teruggekomen, en zoniet dan niet. En de vraag rijst of er morgen in de baardgraskapel ook les gegeven/gelezen wordt. Er valt nog wel wat te leren voor de boskabouter, zo meent hij.

Van een heilige relatie weet men dat die tot Niets zal leiden. Dus JA, de kapel is morgen geopend voor een lezenswaardige bij-één-komst. Het elfje hoopt van harte de kabouter te zien. Tot ziens. 

Vrede blijve bij u, for ever.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 186 - Blauw gekleurde lessen | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – TV uitzendingen

JJ heeft de koffie met wat lekkers erbij zojuist geconsumeerd terwijl de gewone TV haar nieuws uitzendt.

De buitengewone TV zendt, vanaf de plek waar zij zich bevindt, haar nieuws uit. Zij aanschouwt daarbij door haar Green Eyes de bekende kiosk-vorm van de Schuilplaats des Allerhoogsten.

Warnsborn juli 2013 013JJ aanschouwt met gemengde gevoelens de beelden en commentaren op TV.

TV aanschouwt zonder gemengde gevoelens het beeld van de kiosk van de Goed Heilig man. Met Eer aan de Beek aanschouwt zij het met Eenheidsgevoel. Commentaar is daarbij niet nodig.

JJ vraagt zich af waar hij zich in het getoonde kan vinden, want alles maar dan ook alles straalt dualiteit uit, en daarnaast ook nog onwerkelijkheid.

TV vraagt zich niet af of zij zich kan vinden in wat haar getoond wordt, want zij vindt zichzelf daarin. Aangezien het geen dualiteit uitstraalt, maar werkelijkheid, is het Werkelijkheid. 

Voor de menselijke uitlatingen en gedragen voelt JJ zowel begrip als ook onbegrip.

TV voelt dat voor de geest dit alles het verstand te boven gaat.

Wat moet hij er van denken, hij weet het niet. Toch weerspiegelt alles zijn eigen innerlijk.

Zij hoeft er niets van te denken, want er zijn geen gedachten. Dan hoef je niets te weten omdat je Niets bent. Dit alles weerspiegelt haar innerlijk.

Hij denkt aan de les van vandaag, daar wordt alles benoemd.

Mijn betekenisloze gedachten laten mij een betekenisloze wereld zien. Alles wat ik zie is een weerspiegeling van mijn gedachten. Het zijn mijn gedachten die mij zeggen waar ik ben en wat ik ben. Het feit dat ik een wereld zie van lijden, verlies en dood, toont mij dat ik slechts de weergave zie van mijn waanzinnige gedachten, en dat ik mijn werkelijke gedachten belet hun weldadig licht te werpen op wat ik zie.

Hij aanschouwt zijn eigen onbewuste innerlijk en ziet dat als buitenwereld.

Het feit dat TV geen wereld ziet van lijden, verlies en dood, toont haar dat haar werkelijke gedachten hun weldadig licht werpen op wat zij ziet. Ze realiseert zich eens te meer dat het niet alleen op dit moment is, waar dit TV nieuws van spreekt. Zij aanschouwt haar eigen bewuste innerlijk en ziet dat als buitenwereld.

Voor JJ is alles wat geen absolute vrede uitstraalt niet van God, dus onwerkelijk, maar het lijkt zo echt. Het heeft ook geen zin om uit het Nu te vluchten en allerlei gedachten te geloven die over het verleden of de toekomst gaan. Hoe voelt hij zich Nu, daar gaat het om. Welke gedachten komen Nu voorbij, dat zegt iets over de activiteit van de ego-jantjes. 

Voor TV straalt alles in de Vrede van God, is werkelijk en echt. Zo voelt zij zich NU. Het is maar net waar je naar kijkt en hoe je kijkt. Wat wil je zien? Op het moment dat je letterlijk en figuurlijk je kijkrichting verandert, ga je andere dingen zien en ga je de dingen anders zien, dan wel be-Leven. Tot die tijd zal het zich blijven herhalen omdat het kennelijk toekomt aan een behoefte. Als je alles ziet vanuit Green Eyes en met de blik gericht op de Schuilplaats des Allerhoogsten, dan is alles Licht, zonder gedachten omdat je je Zelf in alles ervaart. Dan vraag je je ook niet meer af hoe je je NU voelt, omdat je NU Bent, waar dan ook, met wie dan ook, onder welke omstandigheden dan ook.  

Maar de zogenaamde wereld vraagt ook de aandacht van JJ. Daarin spelen gemaakte afspraken met diverse personen een rol, die allen morgen ´en route´ bezocht dienen te worden. Het kaboutertje is trouwens nog steeds niet topfit, eigenlijk helemaal niet fit. Hoofd en buikje doen hun best het baasje te overtuigen van de aanwezigheid van een virus. Hij is vandaag wel op pad geweest om ook diverse personen te bezoeken en een dienst te bewijzen. Maar vanwege de dufheid trekt het nu niet om wat te lezen, misschien kan hij toch proberen een cryptogram te maken met een borrel erbij? Mogelijk dat er toch concentratie mogelijk is als er ethanol door de hersenen stroomt. Hij gaat een poging doen.

Hopelijk sluit het bos.denkertje deze dag op een beekwaardige wijze af. Dit was Brandpunt TV, goedenavond.

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 185 - TV uitzendingen | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – Liefdevolle omarming

Terwijl de pelgrims te voet het pad verder volgen, lezen ze nog CIW 223. 

God is mijn leven. Ik heb geen leven buiten dat van Hem. 

Ik heb me vergist toen ik dacht dat ik los van God leefde, als een afzon­derlijk wezen dat zich in afzondering bewoog, aan niets gebonden, en ge­huisvest in een lichaam. Nu weet ik dat mijn leven dat van God is, ik geen ander thuis heb en los van Hem niet besta. Hij heeft geen Gedachten die niet deel zijn van mij, en ik heb geen andere dan de Zijne. 

Onze Vader, laat ons het gelaat van Christus zien in plaats van onze vergissin­gen. Want wij die Uw heilige Zoon zijn, zijn zondeloos. We willen onze zonde­loosheid aanschouwen, want schuld verkondigt dat we Uw Zoon niet zijn. En we willen U niet langer meer vergeten. We zijn eenzaam hier, en verlangen naar de Hemel, waar we thuis zijn. Vandaag willen we terugkeren. Onze Naam is de Uwe, en we erkennen dat wij Uw Zoon zijn. 

JJ, in plaats van er oeverloos over te blijven spreken, kunnen we beter oeverloos worden, Beekje. De tijd is gekomen om niet langer scheiding aan te brengen. Door steeds weer Jerfaas gescheiden te blijven zien van de jantjes, creëer je illusie. Het tijdperk van de afgescheidenheid heeft zijn tijd gehad. 

Alle beelden die Zijn Zoon lijkt te maken, hebben geen effect op wat hij is. Ze dwarrelen door zijn denkgeest als door de wind opgewaaide bladeren die een ogenblik een patroon vormen, uit elkaar vallen, zich hergroeperen en wegvliegen. Of als luchtspiegelingen die boven een woestijn worden gezien, oprijzend uit het stof.(Wd1.186.9:4-6) 

Herinner je je het bladerenpatroon bij de deur van de hunker van de bunker? Herinner je je de bunker waarin jij jezelf gewapend en al verschanst hebt. Lees je eigen verhaal er op na en alles wat daarover gezegd is. (35-De bunker)(36-Een innerlijke strijd)(37-Hunker in de bunker)(38-Een rol spelen)(39-De uitnodiging)(40-De Engelen van Hunker) 

Ooit las ik ergens dat het er vaak op lijkt dat we nog liever opgesloten zitten in de bunker van onze vertwijfeling dan de eeuwigheid, hier en nu, te omarmen. Wellicht is dit moment een uitnodiging tot het zetten van de volgende stap, een sprong in bewustzijn, tegen alle angst en vertwijfeling in. Het is tijd om jezelf te ontwapenen. Er wordt aan jouw deur geklopt. Bevrijd jezelf. Verlaat de bunker. 

Leg je wapens neer en ga zonder verdediging de stille plaats binnen waar de hemelse vrede alles tenslotte in stilte bewaart. Leg alle gedachten aan gevaar en angst af. Laat geen aanval met jou mee naar binnen gaan. Leg het wrede zwaard des oordeels neer dat je tegen je eigen keel houdt, en stop de vernietigende aanslagen waarmee jij je heiligheid probeert te verbergen.(Wd1.190.9:1-4) 

Wat dat omarmen betreft, staat er in les 317 van het blauwe boek geschreven: Vader, Uw weg kies ik vandaag. Waarheen die me leidt, verkies ik te gaan; wat die wil dat ik doe, verkies ik te doen. Uw weg is zeker en het einde is gewaarborgd. De herinnering van U wacht me daar op. En al mijn smart eindigt in Uw omhelzing, die U beloofd heeft aan Uw Zoon, die bij vergissing dacht dat hij van de veilige bescherming van Uw liefdevolle armen was afgedwaald. 

Zie je de foto die Jerfaas en de jantjes voorstelt nog voor je? De foto die voor mij ‘hemels’ is. De foto die laat zien hoe je de jantjes laat verdwijnen terwijl ze er toch zijn.(98-Een ‘mystieke’ dagreis)

 

Er wordt wel gezegd dat verlichting niets anders is dan het omarmen van je schaduwzijden. Het gaat erom het ego niet te onderdrukken, maar te transformeren. Het omarmen van je schaduwzijden is de sprong in bewustzijn. Je individualiteit zal versmelten met de Eenheid, vrij van alle tegenstellingen. Zoals ik eerder gezegd heb: In jou komen hemel en aarde samen. Als Jan en Jerfaas elkaar omarmen, omarm je eigenlijk je goddelijkheid als mens. Dan ontwaakt Christus in jou, dan verwerkelijk je in jezelf de eenheid. Je komt zogezegd Thuis. 

En als TV dan nog even op de repeat gaat: Thuiskomen is welkom geheten worden en met open armen ontvangen worden zonder dat er gekeken en gevraagd wordt naar wie je bent en hoe je bent. Thuiskomen is de plek waar je je veilig en geborgen voelt. De plek die jou beschermt en omhult. De plek waar je geaccepteerd wordt zoals je bent, de plek waar je kunt zijn wie je bent. Kortom, de plek waar alle uiterlijke zaken wegvallen. De plek waar je zonder aanzien des persoons geliefd bent, waar je de Geliefde bent. Het is de plek waar je je als ziel verenigd met het Goddelijke om als Geest op te lossen in God. Omdat je niet anders kunt Zijn wat je Bent. GOD. (98-Een ‘mystieke’ dagreis) 

Wat valt er verder nog te zeggen… dan slechts AMEN…

2015-08-24 20.48.44

Langzaam daalt de nacht over het bos en de berg waakt vol vuur…

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 184 - Liefdevolle omarming | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – IK BEN

Hey good old trusty friend.

Goedenavond TV, nu jij en alles wat op het TV-scherm verschijnt in mijn bewustzijn verschijnt, worden deze en volgende woorden ook in hetzelfde bewustzijn hoorbaar. Al horend en luisterend verschijnen dan reactieve gedachten in dat bewustzijn. Ik kan het niet laten. Laten we aldus de afgelopen pelgrimsdagen een ‘wordt vervolgd’ geven.

Tijdens de afgelopen nacht ‘zag’ Jerfaas dat ons onlangs gehouden gesprek door de voltallige jantjes-brigade overdacht werd. Steeds opnieuw keert het besef van het afgescheiden-zijn weer in mij terug. Uiteraard zal het een ego-trekje zijn, eindigheid van wat dan ook komt alleen in die regio voor. Maar eens te meer krijgt Jerfaas een vermakelijk kijkje in de afdeling interne zaken van Jan. Hij ziet hoe jantje-lichaam steeds weer reageert, gevolgd door jantje-schaam die er spijt van heeft, en ga zo maar door.

Ook nu, terwijl de pelgrims een avondwandeling over de afgelegen dijk langs de rivier maken, ziet JJ dat de volle maan de schaduw van Jan laat meelopen, op enige afstand onder aan de dijk. Hij kijkt naar zijn schaduw zoals Jerfaas naar Jan kijkt.

Menige toepasselijke CIW les komt in hem op. Geen gezwollen taalgebruik, eerder wordt de pelgrim op onomwonden wijze op de diepere aspecten van het menselijk denken gewezen. Je Bent namelijk niet die materie. Je Bent niet hetgeen de zintuigen waarnemen. Je Bent evenmin wat je denkt dat je bent. Ooit zal de mens inzien hoezeer hij zich vergist door zich te identificeren met het aardse, materiële leven en beseffen dat projecties en beeldvorming niet de absolute werkelijkheid zijn, maar de duistere schaduwzijde van het bestaan.

Ik ben geen lichaam. Ik ben vrij. Want ik ben nog steeds zoals God mij geschapen heeft.

(Les 220) 

Ook hierin hoor je de omkering van je aandacht m.b.t. het lichaam, JJ. Uitgaan van het Bewustzijn dat je bent. Het lichaam is een verschijningsvorm in Bewustzijn. ‘Ik ben geen lichaam. Ik ben vrij’. Waarom ben jij vrij? Omdat jij Bent. Jij bent Bewustzijn. Wie ben ik? IK BEN. Meer is er niet. Dat is het enige. HET ÉÉN-ige. Er is ÉÉN en jij bent van die ENE. Er is niets anders dan God. God is IK BEN.  

Wees stil en weet: Ik Ben God. Wat er ook gebeurt, zeg: IK BEN. Wat er ook gevoeld wordt, zeg: IK BEN. Welke gedachten er ook komen….hupakee, terug naar de Bron, IK BEN. Identificeer je met de Bron. Iedere keer weer: IK BEN. 

Niet langer uitgaan van Jan, en Jerfaas de getuige die maar toekijkt, maar alleen nog maar uitgaan van IK BEN. Dat is het enige wat IS. Voor de rest hoef je nergens meer over na te denken, je hoeft je niet af te vragen hoe het zit, waarom het zo is, niet langer analyseren wat Jan nu wel of niet doet en wel of niet vindt en dat Jerfaas toekijkt en weet ik wat niet al. Op die manier houd je het hele spelletje in stand. Dat is alleen interessant en van belang geweest om ‘de Weg’ te beschrijven die we zijn gegaan, de weg die het ‘ik’ onderzoekt. Maar voor onszelf, voor ons Zelf, is dat niet meer nodig. Er wordt wel gezegd: ‘We weten te veel, we voelen te weinig.’ Vergeet alles. Je bent alles. IK BEN. Leg je Zelf bloot. IK BEN. Rust en Vrede en Stilte zijn je ware natuur. Ik Ben Rust en Vrede en Stilte. Maar zelfs de woorden Rust, Vrede en Stilte kun je laten vallen, want dat IS IK BEN. Vooruit: IK BEN. We gaan!

wordt vervolgd…tot NU…

Posted in 183 - IK BEN | Leave a comment

Het Pad van de Pelgrims – De filters van het denken

Paulus blijkt nog niet uitgesproken te zijn. ´Het denken´ en ´het lichaam´ blijven in zijn gedachten ronddwalen. Hij bladert nog even door het blauwe boek en zijn oog valt op een kernachtige tekst. Het lichaam is de tempel van het ego, zo leest hij, die twee zijn onlosmakelijk verbonden. En het lichaam kan nooit de tempel van de Heilige Geest worden, dat kan alleen de relatie zijn, en wel de alomvattende relatie met God en de zogenaamde medemens. Lichamen zullen, zo leest hij verder, nooit een rol spelen bij de Liefde, want ze zijn per definitie ´gemaakt´ om Liefde uit te sluiten. Natuurlijk heeft het ego andere definities van dat woord, maar dat is bekend. Het ego houdt graag een sluier in stand.

En dan het oranje boek…wat is dat toch een geweldig boek dat C.B.Zuijderhoudt aan de hand van Meester Eckhart heeft geschreven. Het is geen handleiding, maar toch klinkt er een geweldige oproep in door. Ook in dit boek wordt gesproken over de rol van het denken.

Het denken is in aanvang onmisbaar om bepaalde inzichten over het mystieke proces te verwerven. Vervolgens blijkt datzelfde denken net zo onmisbaar om alle concepten weer kwijt te raken. Tot men het denken gaat ervaren als een blokkade voor het zijn. In het onmiddellijke zijn is geen denken. 

De verklaring van Eben Alexander komt weer in zijn gedachten op, dat tijdens zijn bijnadoodervaring zijn lichaam, zijn hersenen, dusdanig gestopt was met functioneren dat alle filters van waarneming waren weggevallen. Ook in het oranje boek worden de filters van het denken benoemd.

Laten we beseffen dat het denken filters aanbrengt, want het denken is bij uitstek geconditioneerd. Het denken staat het pure zijn in de weg. Hij of zij die de verlichting of wedergeboorte heeft ondergaan, ervaart dat hij als geestelijk wezen in het geheel is opgenomen, daar ongedifferentieerd deel van uitmaakt en identiek is aan de grond van het zijn. Dat is A-dvaita, niet- tweeheid. Dat houdt tevens in dat de zichtbare en tastbare wereld, die ons door de filters van de zintuigen wordt voorgespiegeld, een illusie wordt, ook wel maya genoemd. Men moet innerlijk iets hebben ervaren en geproefd en er zelfs voor hebben geleden, voordat van een persoonlijk verworven inzicht sprake kan zijn. De doorleefde ervaring is van veel groter belang dan het denken.

Het brein van de mens is een enorm filter voor die echte werkelijkheid. Alles wat in ons zogenaamde bewustzijn wordt waargenomen zijn de dingen van deze wereld, het andere wordt tegengehouden door het filter, zo zegt ook Eben Alexander. Bij sommigen valt het brein, de hersenen, uit door de naderende dood of door ziekte, en kan er een bijzondere helderheid optreden die iets laat zien van wat voor die tijd werd weggefilterd.

En dan komt de Cursus om de hoek kijken, die zegt dat alleen ‘bij God zijn’ de echte werkelijkheid is. Daar is alleen eenheid, daar zijn geen anderen. Diep in ons allen ligt die afscheidingswens die zich manifesteert in het zien van anderen en alles wat daarmee te maken heeft. En dat zien we hier in deze wereld, maar ook in het hiernamaals, dat is de parallel-wereld zonder een aards lichaam, hoe mooi die ook is in vergelijking met hier.

De reis van een pelgrim voert dus door deze wereld, maar ook dwars door het hiernamaals. En het is zelfs voor zijn filterhersentjes heel begrijpelijk; als we alles kunnen zien als Liefde, letterlijk alles wat gebeurt en zonder enige uitzondering, dan maken we kans op een paspoort om de grens tussen de diverse illusies en de echte Hemel te mogen passeren.

Nu gaan de gedachten van Paulus naar het elfje. Zou ze vandaag nog woordjes in haar lichtschriftje opgeroepen hebben of haar ganzenveertje ter hand hebben genomen om een meeslepende stroom voor het beekje te creëren. Of hebben andere bezigheden, dan wel het volledig ontbreken daarvan, het elfje ervan weerhouden om op kortere of langere termijn traankliertjes te openen zodat de emotie kan wegvloeien.

Wat een raadsel is dat toch; men leest woorden in een bepaalde samenhang en er wordt iets geraakt, hetzij een ervaring of helemaal niet, meer een soort fantasie en toch ontstaat een emotie. Nog wonderbaarlijker is dat er dan tranen kunnen vloeien, zowel van vreugde en van verdriet. En dan kan men wel zeggen dat die dicht bij elkaar liggen, maar er is nogal wat verschil. Het ene wordt verlangd en het andere juist niet. Jerfaas, die heel veel gedachten ziet van de jantjes, let daar wel eens op. En als al die gedachten dan langskomen is het alsof hij het emotiegehalte er aan af kan zien. Het is een beetje als een notenbalk in een partituur, je kijkt ernaar en je hoort als het ware al de toonhoogte en de lengte ervan. Het kaboutertje ligt daar ook wel eens over te mijmeren. Ja, zo gaan al die gedachten door het bolletje van Paulus.

Nu het tijd is om ‘onder de stippen’ te gaan, legt de kabouter het gedachtenpakketje naast zich neer en hoort ‘in gedachten’ hoe het elfje de lieve beste Paulus een rust-ige nacht toewenst. Onder de stippen begint Paulus te tellen… en bij het magische getal 11 is het of hij wordt gelanceerd naar droomland, alwaar hij urenlang rondzweeft in een baan om de aarde. Van grote afstand ontwaart hij de wereld met al zijn verschijnselen; zijn flora en fauna, alles wat groeit, kruipt, loopt en vliegt. Zoals de vredesduiven en het elfje. Misschien mag het kaboutertje op de rug van het elfje klimmen en meevliegen naar ongekende Hoogte…zo licht als een pluisje…Het Licht tegemoet.

Warnsborn 2013 007

wordt vervolgd…tot NU…

 

Posted in 182 - De filters van het denken | Leave a comment